Commentaar Jantine Kriens: Samenwerken, maar niet samen weten

Nummer 6,6 april 2018

Vorige week is een aantal gemeentelijke projecten in het kader van Jeugdzorg in het zonnetje gezet. In Tilburg liet minister Hugo de Jonge zich inspireren door het Strijdplan kindermishandeling en huiselijk geweld. In Hengelo is er een ‘Lefproject’ dat extra investeert in kwetsbare jongeren die te oud worden voor de Jeugdzorg maar die nog niet losgelaten kunnen worden. Voorbeelden van succesvolle programma’s door integrale samenwerking van gemeentelijke diensten, zorgaanbieders en -verzekeraars, scholen en sportverenigingen.

Het is goed dat deze voorbeelden er zijn, want kindermishandeling en huiselijk geweld blijven hardnekkige problemen die, ondanks steeds betere samenwerking, maar niet kleiner worden. Wijlen Eberhard van der Laan was voorzitter van de werkgroep tegen kindermishandeling en hij wees erop dat nog steeds ‘in elke klas in Nederland minstens één kind zit dat wordt mishandeld’. De ministers Hugo de Jonge (VWS) en Sander Dekker (Justitie en Veiligheid) hebben een actieplan tegen kindermishandeling en huiselijk geweld aangekondigd.

Aan onze intrinsieke motivatie om aan dit belangrijke maatschappelijke probleem bij te dragen wat we maar kunnen, hoeft niemand te twijfelen. Maar ik wil graag een dilemma aankaarten waar de gemeenten mee zullen worstelen. De voorbeelden waar ik mee begon, tonen aan dat goede samenwerking essentieel is voor een succesvolle aanpak. Maar de bestaande én aanstaande regels voor uitwisseling en opslag van persoonsgegevens maken een efficiënte samenwerking vrijwel onmogelijk.

Hulpverleners verdwalen in de regels waardoor cruciale informatie niet altijd gedeeld wordt

De nieuwste Facebookrel toont aan dat we technologisch vrijwel alles van iemand kúnnen weten maar in het sociaal domein mógen we dat niet, en dat wíllen we ook niet. Alle waarborgen en voorwaarden zijn terecht en vanuit privacy-oogpunt wenselijk. In het Handvat Gegevensdeling in het zorg- en veiligheidsdomein hebben een groot aantal partijen, samen met de VNG, een precieze analyse gemaakt, van wat er wél en niét mag met persoonsgegevens. Dat is ongelooflijk ingewikkelde materie. Ik zie dat hulpverleners in die regels verdwalen waardoor cruciale informatie niet altijd gedeeld wordt.

Doen we onze kwetsbare jeugd ook recht als noodzakelijke hulp niet op tijd gegeven kan worden omdat informatie niet mag worden gedeeld? Of als het op zulke verschillende manieren moet worden opgeslagen van VWS, JenV en de privacywetgeving, dat het niet deelbaar of vergelijkbaar is? Iedere keer bij een tragisch misstand in huiselijke kring is de eerste, en heel begrijpelijke, vraag: waarom wisten we dit niet?

Ik vind dat deze vragen een goed antwoord verdienen.

Jantine Kriens is Algemeen directeur van de VNG
jantine.kriens@vng.nl, @kriens