Column André Krouwel : Virtueel de straat op

Nummer 15, 6 oktober 2017

Eerder schreef ik een column over de effecten van de verschillende activiteiten tijdens verkiezingscampagnes. Omdat er vrij weinig onderzoek is gedaan naar campagnes bij gemeenteraadsverkiezingen heb ik alle raadsleden in Nederland gevraagd welke activiteiten hun partij onderneemt om kiezers naar de stembus te krijgen. Ruim 1400 raadsleden – van alle politieke stromingen – hebben aan het onderzoek meegedaan. Daar komt een zeer interessant beeld uit naar voren.

De meest ingezette actie is een socialemediacampagne. Ruim 70 procent van alle partijen is actief via Twitter, Facebook en andere online platforms. Het ‘virtueel de straat op gaan’ wint het inmiddels van de directe face-to-face-contacten met kiezers. Opvallend is verder dat de andere activiteiten die het meest worden ondernomen weinig of geen effect sorteren. Zo plakt twee derde van alle partijen posters, stoppen de meeste partijen nog steeds folders in de bus (54 procent) en gaan ze ook folders uitdelen op straat (63 procent), terwijl onderzoek duidelijk laat zien dat je daarmee weinig kiezers overtuigt om te gaan stemmen. Conversie-effecten – dat ze op jouw partij gaan stemmen – zijn nog geringer. Partijen verdoen dus veel tijd en verspillen kostbare middelen met deze activiteiten.

In een winkelstraat staan is niet hetzelfde als canvassen

Opvallend is dat de meest effectieve manier van kiezers overtuigen – het canvassen langs deuren en echt een gesprek aangaan met individuele kiezers – door slechts 33 procent van de partijen wordt ingezet. Waarschijnlijk denken veel partijen dat in een winkelstraat staan hetzelfde is als canvassen, maar dat is zeker niet zo. Mensen benaderen op hun eigen stoep of portiek heeft een totaal andere impact dan ze aanklampen terwijl ze met tassen vol boodschappen naar hun fiets of auto lopen.

We vroegen raadsleden ook in te schatten welk effect deze activiteiten hebben. Daar komt een onthutsend beeld uit naar voren. Het is stuitend dat veel politici denken dat je met folders, posters, radio en tv-spotjes de opkomst met 8 tot 10 procent kunt verhogen (onderzoek toont een effect van 0,5 procent). Enkelen zien zelfs een effect van 50 procent van deze activiteiten. Denken zij echt dat de opkomst met de helft afneemt als zij stoppen met folders uitdelen en posters plakken? In de ogen van kiezers is deze obligate papierverspilling alleen maar irritant en een poging om ‘op het pluche’ te komen of te blijven zitten’.

Gemiddeld worden de effecten van canvassen en stemhulpen wel goed ingeschat (tussen 3 en 12 procent). Wat veel burgers nodig hebben, is informatie over partijstandpunten om een keuze te kunnen maken, want velen van hen volgen niet of nauwelijks de gemeentepolitiek. Vandaar dat stemhulpen en persoonlijke gesprekken aan de deur twintig keer meer effect hebben dan een poster of een folder.

Ook is het belangrijk dat kiezers onderling over de verkiezingen – en hun partijkeuze – gaan praten. Burgers moeten zien dat stads- of dorpsgenoten warmlopen voor een partij en voor de gemeentepolitiek. Ondanks het feit dat de ‘virtuele straat’ een steeds groter effect heeft op stemgedrag en opkomst, blijft persoonlijke contact – een wederzijds gesprek – nog steeds het meest effectieve campagnemiddel. Te weinig lokale politici zijn daarvan doordrongen.

André Krouwel is politicoloog VU en wetenschappelijk directeur Kieskompas, andre.krouwel@vu.nl, @AndréKrouwel