Betoog: Bodemdaling, zo vinden we de weg omhoog

VNG Magazine nummer 19, 7 december 2018

Auteur: Hilde Niezen (GroenLinks), wethouder Gouda
 
Al zo’n duizend jaar hebben we in West- en Noord-Nederland te maken met bodemdaling door ontwatering en belasting van slappe veen- en kleibodems. Plaatselijk daalt de bodem 2 centimeter per jaar, dat is sneller dan de zeespiegelstijging. Sinds 2014 houdt Hilde Niezen, wethouder in Gouda, zich als voorzitter van het Platform Slappe Bodem bezig met het agenderen van dit probleem.

Bodemdaling leidt tot schade aan gebouwen, infrastructuur, kabels en leidingen en de bruikbaarheid van onze bodem voor bijvoorbeeld de landbouw. Toch heeft nog maar ongeveer een vijfde van de gemeenten met een slappe bodem in het coalitieprogramma aandacht voor het probleem, gekoppeld aan concrete maatregelen of doelstellingen.

Uit onderzoek blijkt dat gemeenten op een slappe bodem twee keer zo vaak aan het werk moeten in de openbare ruimte en ook twee keer zo veel kosten hebben aan beheer en onderhoud als gemeenten op een stevige bodem. Door toepassing van de levenscyclusbenadering en toepassing van speciale technieken kunnen gemeenten een deel van deze kosten vermijden en hun inwoners veel overlast en belastingdruk besparen. Dit vergt echter een omslag in denken over financiering, beheer en onderhoud van de openbare ruimte. Woerden is voorloper op dit gebied. De gemeenteraad heeft de levenscyclusbenadering opgenomen in de begroting.

Historische steden

Historische steden, zoals Delft, Gouda en Schiedam, vergen een eigen benadering, vanwege de bebouwing van diverse leeftijden en kwetsbaarheid van monumenten. Om ook voor langere termijn de juiste keuzes te maken, heeft Gouda gekozen voor een intensief programma met collega-overheden, inwoners, bedrijven en kennisinstituten. De binnenstad is doorgelicht om het bodem- en watersysteem nog beter te doorgronden. Dit heeft geleid tot nieuwe inzichten waarmee ook andere steden hun voordeel kunnen doen.

Gemeenten op een slappe bodem moeten twee keer zo vaak aan het werk in de openbare ruimte

Ook het landelijk gebied vraagt om aandacht. De gebruiksmogelijkheden en daarmee de economie van het platteland staan onder druk. Daarnaast zorgt de veenoxidatie voor veel CO2-uitstoot. Mogelijke oplossingen, zoals vernatting, onderwaterdrainage en natte teelten, vergen nog veel onderzoek. Vaststaat dat het beheer van de polders anders zal moeten om te komen tot een duurzame toekomst van het veenweidelandschap.

Samenwerking

Het besef dat we anders moeten omgaan met onze slappe bodems lijkt bij steeds meer mensen te landen. Alleen door samenwerking tussen de bestuurslagen en stevig investeren in kennis en onderzoek zal het de komende jaren lukken om de grote opgaven die er in de steden en dorpen liggen op het gebied van klimaatadaptatie, energietransitie en duurzaamheid te verwezenlijken. Zowel op technisch, juridisch als financieel gebied hebben we nog veel stappen te zetten.

De Deltacommissaris en de minister van Infrastructuur en Waterstaat onderschrijven de noodzaak van een nationaal programma bodemdaling, in samenwerking met decentrale overheden, kennisinstellingen, bedrijven en inwoners. De keuze van het Rijk voor het uitwerken van de regiodeal bodemdaling Groene Hart geeft ook aan dat er nationaal belang gehecht wordt aan de aanpak van bodemdaling. De nationale klimaatdoelstellingen en het klimaatakkoord voeren de druk op om maatregelen te nemen om de CO2-uitstoot te beperken.

Sluipend probleem

Gemeenten, waterschappen en provincies hebben een belangrijke rol in de aanpak van dit sluipende en ook erg dure probleem en kunnen dit actief oppakken door het toepassen van de levenscyclusbenadering in de openbare ruimte, investeren in meten en monitoren en het begeleiden en stimuleren van stads-, dorps- en gebiedsgesprekken met inwoners. Door aan te sluiten bij het Platform Slappe Bodem versterken gemeenten, waterschappen en provincies elkaar en kunnen we nog steviger inzetten op onderzoek en kennis. Zo vinden we de weg omhoog.

www.slappebodem.nl

Schrijf ook een betoog voor VNG Magazine: redactie@vngmagazine.nl