Op deze pagina vindt u veelgestelde vragen en antwoorden over de Tijdelijke wet digitale beraadslaging en besluitvorming. De vragen zijn per onderwerp genummerd. Om die reden vindt u de nieuwste vragen onderaan het onderwerp. Mocht er een nummer ontbreken, dan is deze vraag inmiddels vervallen. 

Tijdelijke wet digitale beraadslaging en besluitvorming

1. Mag de gemeenteraad op een digitale manier besluiten nemen?

Dit is geregeld in de Tijdelijke wet digitale beraadslaging en besluitvorming. Deze wet is op 9 oktober 2020 in werking getreden en inmiddels tot 1 januari 2021 verlengd.

 

2. Voldoet audiostreaming bij fysiek vergaderen zonder publiek aan het openbaarheidscriterium?

Artikel 23 Gemeentewet schrijft voor dat raadsvergaderingen openbaar zijn. Ook met een gesloten tribune is de raadsvergadering nog steeds openbaar als wordt volstaan met een audioverbinding. Een videoverbinding verdient de aanbeveling, maar is niet verplicht.

 

3. Waar staat eigenlijk in de Gemeentewet dat digitaal vergaderen niet mag?

Dit volgt uit artikel 20 van de Gemeentewet waarin staat dat de vergadering van de raad niet wordt geopend, voordat blijkens de presentielijst meer dan de helft van het aantal zitting hebbende leden tegenwoordig is. Met ‘tegenwoordig’ wordt bedoeld dat raadsleden fysiek aanwezig moeten zijn.

 

5. Zijn besloten digitale vergaderingen mogelijk?

Besloten digitale vergaderingen zijn niet mogelijk. Met de huidige techniek valt de beslotenheid niet na te gaan als alle leden vanuit huis deelnemen aan een digitale vergadering.

 

6. Zijn er ook mogelijkheden om inwoners die geen toegang hebben tot internet/digitale middelen de digitale vergadering te laten volgen?

Het staat gemeenten vrij om aanvullend op videoconferencing andere manieren te gebruiken om inwoners de digitale vergadering te laten volgen. Er zijn bijvoorbeeld ook al gemeenten die de vergadering uitzenden via de lokale omroep. Via het online VNG-forum Corona kunt u andere gemeenten vragen welke andere manieren zij gebruiken. Op dit forum wisselen gemeenten veel praktische informatie en expertise uit. Met het oog op de noodverordeningen van de veiligheidsregio’s en de richtlijnen van het RIVM is het overigens geen optie om inwoners in een aparte ruimte in het gemeentehuis de raadsvergadering digitaal te laten volgen.

 

7. Voordat zij hun functie kunnen uitoefenen, leggen de leden van de raad in de vergadering, ten overstaan van de voorzitter, de eed af. Kan dit ook digitaal?

Op grond van artikel 14 Gemeentewet moet de eed in een openbare vergadering worden afgelegd. Omdat de Tijdelijke wet digitale beraadslaging en besluitvorming ook de mogelijkheid biedt tot een openbare digitale vergadering, zal de beëdiging ook in een openbare digitale vergadering kunnen plaats vinden.

Het verdient wel aanbeveling om visueel zichtbaar te maken dat het raadslid de eed aflegt ten overstaan van de voorzitter. Dat kan bijvoorbeeld door de vergadering vanuit het gemeentehuis te streamen en het raadslid daar, samen met de griffier en de voorzitter van de vergadering, fysiek aanwezig te laten zijn.

 

8. Hoe kun je bij digitale vergaderingen inspraak organiseren?

Zowel de Gemeentewet als de Tijdelijke wet digitale beraadslaging en besluitvorming regelen niets over inspraak door belanghebbenden bij de voorbereiding van beleid. Dit regelt de raad zelf bij verordening (artikel 150 Gemeentewet). Als de inspraakverordening van de gemeente geen regels bevat over de vorm waarin inspraak plaatsvindt, dan is afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing. In artikel 3:15 Algemene wet bestuursrecht staat dat belanghebbenden naar keuze schriftelijk of mondeling hun zienswijze bij het bestuursorgaan naar voren kunnen brengen.

Mondeling inspreken kan ook via een digitale toegang. Belanghebbenden die niet over een computer en/of internetverbinding beschikken, kunnen in het gemeentehuis inspreken. De gemeente kan er bijvoorbeeld voor kiezen om de vergadering vanuit het gemeentehuis live te streamen met voorzitter, griffier en insprekers zonder computer in de raadzaal, op veilige afstand van elkaar. Een andere mogelijkheid is om de inspreker (met inachtneming van het coronaprotocol) in een aparte ruimte in het gemeentehuis digitale toegang tot de raadsvergadering te geven.

 

9. Kan de voorzitter ook bij digitale vergaderingen vragen of de raadsleden stemming verlangen? En als dat niet kan, betekent dit dat het voorstel dan is aangenomen?

Ja, op grond van artikel 32, derde lid Gemeentewet is een voorstel aangenomen indien hierover geen stemming wordt gevraagd. In het VNG model-reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad staat verder dat als een voorstel zonder stemming wordt aangenomen, de in de raadsvergadering aanwezige raadsleden aantekening in het verslag kunnen vragen, dat zij geacht willen worden te hebben tegengestemd of zich overeenkomstig artikel 28 van de Gemeentewet van deelneming aan de stemming te hebben onthouden. Het model-reglement van orde biedt die mogelijkheden dus ook voor digitale vergaderingen.

 

10. Dienen alle raadsleden voor rechtsgeldige besluitvorming altijd tegelijkertijd in beeld te zijn of is afvinken dat raadsleden digitaal aanwezig zijn voldoende?

Uit de tijdelijke wet blijkt dat de digitale vergadering kan worden geopend indien meer dan de helft van het aantal zitting hebbende leden in een digitale omgeving deelneemt aan die vergadering. Het verslag vermeldt de deelnemende leden. Het is dus essentieel dat kan worden vastgesteld dat de leden echt deelnemen aan de digitale vergadering. Dit is iets anders dan dat zij ook tegelijkertijd in beeld moeten zijn.

 

11. Hoe zou het stemmen met stembriefjes bij benoemingen in zijn werk moeten gaan? Hoe garandeer je dat een stem dan niet herleidbaar is tot een raadslid?

De stemming over benoemingen is op grond van artikel 31 Gemeentewet geheim. Dat betekent normaal gesproken dat in de reguliere, openbare fysieke raadsvergadering met stembriefjes wordt gestemd (artikel 28, tweede lid, Gemeentewet). De Tijdelijke wet digitale beraadslaging en besluitvorming maakt daarop een uitzondering voor het geval de beraadslaging digitaal plaatsvindt. In dat geval dienen de stembriefjes na afloop van de beraadslaging per post, per koerier, dan wel persoonlijk bij de griffie te worden ingeleverd.

Bij een dergelijke stemming vergewist de voorzitter zich van de authenticiteit van de uitgebrachte stem, met dien verstande dat bij een geheime stem deze stem niet herleidbaar is tot het lid dat de stem heeft uitgebracht. Wel moet – gelet op de openbaarheid van de stemming – duidelijk zijn welke leden hebben deelgenomen aan die stemming. Het is in de eerste plaats aan gemeenten zelf om te bepalen of en hoe zij het briefstemmen mogelijk willen maken. Te denken valt aan gewaarmerkte stembriefjes die onder de leden worden verspreid voor een specifiek voorstel. De tijdelijke wet maakt het mogelijk hierover later regels te stellen bij ministeriële regeling.

 

12. Hoe moet de gemeenteraad tijdens digitale vergaderingen omgaan met geheime informatie?

De raad beslist zelf of het de geheimhouding op een raadsvoorstel wil bekrachtigen. Bekrachtiging kan ook plaatsvinden in een openbare digitale vergadering. Als de raad de geheimhouding bekrachtigt, zal hierover vervolgens niet meer in een openbare digitale vergadering kunnen worden beraadslaagd. Dit kan alleen in een fysieke besloten vergadering. Nu de raad de keuze heeft uit fysiek of digitaal vergaderen, blijft de keuze voor een fysieke vergadering in beslotenheid dus nog altijd mogelijk. Uiteraard dient de gemeenteraad bij een fysieke besloten vergadering de richtlijnen van het RIVM in acht te nemen.

 

13. Is er een intrekkingstermijn voor de Tijdelijke wet digitale beraadslaging en besluitvorming, of bestaat de mogelijkheid dat digitale besluitvorming van de een op de andere dag weer afgeschaft wordt?

In de Tijdelijke wet digitale beraadslaging en besluitvorming is geregeld dat de wet op 1 september 2020 zou vervallen. Het tijdstip waarop de wet vervalt, kan echter bij koninklijk besluit worden bepaald op een ander tijdstip, met dien verstande dat dit tijdstip steeds ten hoogste 2 maanden na het tijdstip ligt waarop de wet zou vervallen. De tijdelijke wet is inmiddels weer met twee maanden verlengd tot 1 januari 2021.

 

14. Waarom is dit alleen tijdelijke wetgeving? Dit kan toch ook gewoon doorgaan nadat de coronamaatregelen opgeheven worden?

De tijdelijke wet is nadrukkelijk een tijdelijke afwijking. Het is niet bedoeld om structureel afbreuk te doen aan het principiële uitgangspunt dat de belangrijkste besluitvorming plaatsvindt in een openbare fysieke vergadering van de raad. Anders dreigt volgens de regering de bijzondere positie van de gemeenteraad en de raadsleden weg te vallen. Een structurele inpassing zou een zelfstandig wetstraject vergen.

 

15. Waar staat meer informatie over de praktische uitvoering van de tijdelijke wet digitale beraadslaging en besluitvorming?

Op de website van Lokale Democratie vindt u een overzicht van de meest gestelde vragen over onder meer besluitvorming, beraadslaging, termijnen, wettelijke gemeenschappelijke regelingen en techniek.

 

16. Moeten video-opnames van raadsvergaderingen ook toegankelijk zijn voor burgers met een beperking?

Gemeentelijke websites en apps en de informatie (content) die daarop door de gemeente wordt aangeboden moeten volgens het Tijdelijk besluit digitale toegankelijke overheid (BDTO) toegankelijk zijn voor burgers met een beperking. Denk daarbij onder meer aan mensen met een beperking van het zicht of het gehoor. De website en content moet daarbij voldoen aan de richtlijn WCAG 2.1 niveaus A en AA. De documentatie van de vergadering moet in een toegankelijk format worden aangeboden. Live uitgezonden raadsvergaderingen hoeven niet ondertiteld te worden, maar de verslagen die daarna via de website beschikbaar worden gesteld, dienen dat wel te zijn. Leveranciers van raadsinformatiesystemen hebben vaak modules om dit mogelijk te maken. De GIBIT (Gemeentelijke Inkoopvoorwaarden bij IT) biedt voor de inkoop een handvat. Digitale toegankelijkheid is een van de aandachtsvelden daarin.

Meer informatie:

 

17. Is een audiouitzending alleen ook voldoende voor digitale beraadslaging?

Alleen een audioverbinding is onvoldoende, omdat het noodzakelijk is vast te kunnen stellen welke leden aan de vergadering deelnemen. Ook ontbreken bij audio cruciale elementen van een beraadslaging, zoals lichaamstaal en het elkaar in de ogen kunnen kijken. Bovendien is er met een videoverbinding goed zicht op eventueel wegvallende verbindingen. Op die manier kunnen ook de gevolgen voor de quora worden gecontroleerd voordat overgegaan wordt tot besluitvorming. Een verbinding via videoconferencing is dus verplicht voor digitaal beraadslagen en besluiten.

 

18. Moeten audiovisuele verslagen van raadsvergaderingen worden bewaard en gearchiveerd?

Ja, audiovisuele verslagen van raads- en bestuurscommissievergaderingen, ook wel ‘videotulen’ genoemd, moeten worden bewaard. Hoe de archivering kan plaatsvinden en wat daarbij van belang is, staat beschreven in de factsheet van onze Adviescommissie Archieven (pdf).


19. Welke videovergadertool moet ik kiezen?

Er zijn veel videovergadertools beschikbaar, welke de gemeente het beste kan kiezen hangt af van de eigen gemeentelijke situatie (shared service, eventuele uitbesteding van diensten etc.), gebruiksgemak en eventuele integratie met eigen kantoorapplicaties. Voor alle gemeenten geldt een aantal algemene gebruiksregels en beveiligingsvoorwaarden. De Informatiebeveiligingsdienst IBD biedt hier op de website een advies.

VNG Realisatie heeft namens ca. 130 gemeenten (o.a.) een videovergadertool aanbesteed. Deelnemers aan GT Connect maken bij voorkeur gebruik van de tool Circuit. Voor meer informatie kunt u terecht op de website van leverancier Atos.

Als u niet deelneemt aan GT Connect, dan kunt u een keuze maken uit een van de vele beschikbare tools. De IBD heeft de bij gemeenten gebruikte tools hier op een rijtje gezet. In deze lijst staan ook de relevante beveiligingscriteria genoemd.

 

20. Mag een stemapplicatie worden gebruikt bij een digitale stemming?

De tijdelijke wet kent het hoofdelijk stemmen als uitgangspunt en bepaalt dat de openbare wilsuitdrukking van ieder stemmend lid bekend moet zijn voor iedereen in de vergadering en de toeschouwers. Hoe deze wilsuitdrukking kenbaar moet worden gemaakt, is niet gespecificeerd. De tijdelijke wet is techniekneutraal. Een stemapplicatie is daardoor mogelijk zolang voor iedereen live te volgen is hoe ieder lid stemt. Dat moet op dusdanige wijze en direct zichtbaar worden gemaakt dat hier geen twijfel over kan bestaan; het moet openbaar zijn op het moment van de stemming zelf.

Wel moet worden opgemerkt dat aan het gebruik van een stemapplicatie potentiele risico’s zijn verbonden, bijvoorbeeld als niet elk lid zijn eigen stem herkent. Dan ontstaat twijfel over de openbare wilsuitdrukking en kan een nieuwe stemming, eventueel mondeling, nodig zijn. Het verdient aanbeveling om hier vooraf onderling afspraken over te maken bij het gebruik van een stemapplicatie.

Wellicht ten overvloede, ook bij een digitale vergadering geldt artikel 32 Gemeentewet. Het derde lid van dit artikel bepaalt dat indien over een voorstel geen stemming wordt gevraagd, het is aangenomen.

Zie ook het advies van Democratie in Actie:


21.  Mogen leden van raadscommissies bij acclamatie worden benoemd?

In principe moet een stemming over personen met gesloten en ongetekende stembriefjes plaatsvinden (briefstemming). Als geen enkel lid van de raad om stemming vraagt en de voorzitter van de raad vaststelt dat een stemming over de voorgenomen benoeming daarom niet noodzakelijk is, kan benoeming van leden van raadscommissies ook plaatsvinden bij acclamatie. Een acclamatie is in een vergadering de vorm van bevestiging waarbij men met algemene stemmen door middel van applaus of een andere waarderende uiting instemming betuigt. Er vindt in dat geval geen stemming plaats (artikel 32, lid 3 Gemeentewet).


22. Kunnen raadscommissies digitaal vergaderen?

Voor sommige commissies is een digitale vergadering op grond van de tijdelijke wet expliciet mogelijk gemaakt, namelijk de door de raad ingestelde bestuurscommissies op basis van artikel 83 Gemeentewet. Bestuurscommissies kunnen besluiten nemen. Daarom heeft de tijdelijke wet ook betrekking op de vergaderingen van bestuurscommissies.

De tijdelijke wet regelt niets ten aanzien van raadscommissies en andere (advies) commissies. Uitgangspunt is ook voor raadscommissies dat de beraadslaging openbaar is (artikel 82 Gemeentewet verklaart onder andere artikel 23 Gemeentewet van overeenkomstige toepassing) en dat dus een live-videoverbinding die via internet te volgen is of rechtstreeks op televisie wordt uitgezonden nodig is (tenzij besloten wordt om in beslotenheid te vergaderen overeenkomstig artikel 23 lid 3 van de Gemeentewet). Deze raadscommissies nemen echter formeel geen besluiten, waarmee een afzonderlijke wettelijke grondslag voor deze digitale vergadering niet noodzakelijk is. Dat geldt ook ten aanzien van de andere (advies) commissies ex artikel 84 Gemeentewet, wiens vergaderingen bovendien niet aan het wettelijk vereiste van openbaarheid hebben te voldoen.

 

23.  Mogen leden van raadscommissies bij acclamatie worden benoemd?
In principe moet een stemming over personen met gesloten en ongetekende stembriefjes plaatsvinden (briefstemming). Als geen enkel lid van de raad om stemming vraagt en de voorzitter van de raad vaststelt dat een stemming over de voorgenomen benoeming daarom niet noodzakelijk is, kan benoeming van leden van raadscommissies ook plaatsvinden bij acclamatie. Een acclamatie is in een vergadering de vorm van bevestiging waarbij men met algemene stemmen door middel van applaus of een andere waarderende uiting instemming betuigt. Er vindt in dat geval geen stemming plaats (artikel 32, lid 3 Gemeentewet).

Terug naar boven