VNG Magazine nummer 18, 22 november 2019

Auteur: Leo Mudde

De digitale brochuretekst van het traineeprogramma van de VNG ronkt. Maar is dat terecht? Wat vinden de trainees er zelf van? Wat zijn hun ervaringen met het programma? We vroegen het vier van hen.

Twee jaar duurt het, een traineeship van de VNG. Volgens de wervende teksten op de website moet het een heel bijzonder en leerzaam traject zijn. Voor mensen die het verschil kunnen maken binnen de lokale overheid, de regie hebben over hun eigen carrièrepad. ‘Een VNG-trainee draagt met zijn of haar frisse, positief-kritische blik en innovatieve ideeën bij aan een moderne organisatie’. Je zou, zo lijkt het, als gemeente wel gek zijn als je deze kans om jong talent een tijdje bij jou te laten werken, niet met beide handen aangrijpt. En als (bijna) afgestudeerde academicus of hbo’er is het een ideale kans om veelzijdige ervaring op te doen bij een gemeente, bij de VNG zelf of bij een andere overheidsorganisatie.
 

Samira el Fadili

Samira el Fadili

Zelfregie

Samira el Fadili begon vier maanden geleden bij de VNG als trainee met de functie projectmedewerker landelijke inkoop Jeugd en Wmo. Daarvoor had ze een halfjaar stage gelopen bij de afdeling Onderwijs van de gemeente Den Haag. De in Rotterdam afgestudeerde bestuurskundige kwam tijdens die stage in aanraking met VNG-trainees. Eenmaal binnen bleek dat ze zelf de regie had over het project. ‘Bij de intake kon ik zelf aangeven wat ik wilde doen.’ 
Ze voelt zich thuis bij de gemeenten. ‘Er gebeurt zo veel, en er zijn zo veel functies waarin ik me kan ontwikkelen. Dat merkte ik al bij mijn stage, dat zie ik nu ook weer bij de VNG.’
Wat haar zeer bevalt, is de wekelijkse ‘terugkomdag’ bij de VNG waar de trainees die allemaal in dezelfde periode in het programma zijn ingestroomd, hun ervaringen met elkaar delen en training krijgen in zaken als gesprektechnieken en debatteren. ‘Die bijeenkomsten staan vaak in het teken van grote ontwikkelingen als de energietransitie. Heel interessant en leerzaam.’

 


 

Reinard Noordergraaf

Reinard Noordergraaf

Provincie

Reinard Noordergraaf kwam tijdens zijn opleiding bestuurskunde & overheidsmanagement aan de Hogeschool Inholland al in aanraking met VNG-trainees. Vanuit de collegebanken stroomde hij vloeiend door naar de VNG, waar hij zich aanvankelijk bezighield met het sociaal domein, maar na een halfjaar overstapte naar het fysiek domein. De grote dossiers passeerden zijn bureau: de Omgevingswet, het landelijk gebied, de privatisering van het bouwtoezicht. Na een jaar VNG maakte hij de overstap naar de provincie Zuid-Holland. Daar is hij nu gebiedsregisseur voor de Leidse regio.
‘Ik werk nu bij de provincie, maar heb aan mijn periode bij de VNG een groot en nuttig netwerk overgehouden’, zegt hij. ‘Er zijn natuurlijk veel raakvlakken met het gemeentelijk domein. Als gemeenten een stationsgebied willen ontwikkelen, en woningen willen bouwen hebben ze de provincie nodig.’
Hij constateert wel dat er nog altijd licht zit tussen de twee werelden van provincie en gemeente. ‘Gemeenten hebben de neiging naar de minister te stappen als ze iets voor elkaar willen krijgen, terwijl het soms logischer is om bij de provincie aan te kloppen. Maar de provincie staat niet altijd op het netvlies.’
Voor Noordergraaf maakte het traineetraject in ieder geval duidelijk dat het sociaal domein niet ‘zijn omgeving’ is. ‘Neem de zorg, dat kun je bijna niet fout doen omdat iedereen voor een goede zorg is. Dan vond ik de fysieke omgeving toch spannender. Toen 
de Omgevingswet op mijn pad kwam, dacht ik: is dat iets voor mij?’
Hij kan nu vergelijken. ‘Elke overheidslaag heeft z’n eigen charmes. De provincie stuurt meer op de grote lijnen, de gemeente houdt zich bezig met directe problemen en oplossingen. Ik heb het nu bij de provincie prima naar m’n zin, maar sluit zeker niet uit dat ik nog eens bij een grote gemeente terechtkom.’ 


Er zijn veel mogelijkheden voor reflectie, daar leer ik van

Jesse de Jong

Jesse de Jong

Veel te doen

Jesse de Jong werkt als adviseur dienstverlening bij de nieuwe fusiegemeente Vijfheerenlanden. Een maand voordat hij afstudeerde als politicoloog begon hij, in mei 2018, al aan zijn traineeship bij VNG Realisatie, als projectmedewerker Landelijke Online Diensten. Nu zit hij alweer een jaar in Vijfheerenlanden, waar hij zich inzet voor verbetering van de gemeentelijke dienstverlening, waarbij de ervaring van de inwoners altijd leidend moet zijn. ‘Dat vergt een cultuurverandering, een ander type ambtenaar. Niet vanuit het gemeentehuis wordt bepaald hoe de gemeente wordt vormgegeven, maar vanuit de inwoners zelf. Vijfheerenlanden loopt daarin echt voorop.’
Over het traineeprogramma van de VNG zegt hij: ‘Ik heb een heel goede begeleiding van mijn leidinggevende. Er zijn veel mogelijkheden voor reflectie, daar leer ik van.’ De Jong, sinds kort ook gemeenteraadslid in Maassluis, was tijdens zijn studie politicologie in Leiden al gefocust op het lokaal bestuur. Zo sloot hij zijn bachelor af met een scriptie over de invloed van het persoonlijk leven op het aftreden van wethouders, en zijn eindscriptie ging over de legitimiteit van de lokale politiek in de ogen van kiezers. Dat hij bij een gemeente terecht zou komen, was dus te verwachten. In Vijfheerenlanden is hij nog niet klaar: ‘Hier is nog zo veel te doen.’
 


 

Luuk Loupias

Luuk Loupias

Reuring

Luuk Loupias ging na zijn tweejarige traineeship bij de VNG aan de slag in de gemeente Kaag en Braassem. Hij is daar nu strategisch adviseur en werkt aan nieuwe vormen van lokaal bestuur en meer betrokkenheid van de inwoners bij de lokale democratie.
Als VNG-trainee werkte hij al aan de vernieuwing van de lokale democratie in het programma Democratic Challenge en daar heeft hij, zegt hij zelf, ‘een mooi netwerk’ aan overgehouden. De ervaring kan hij in Kaag en Braassem goed gebruiken. ‘De raad werkt hier met een raadsakkoord in plaats van een collegeakkoord. Dat is ook een vorm van democratische vernieuwing. Ik houd van die reuring.’
Als trainee kwam hij ook terecht in Montfoort, dat met IJsselstein was verwikkeld in een ambtelijke ‘defusering’. ‘Ik heb daar met de medewerkers en anderen aan een nieuwe organisatie gewerkt. Heel interessant.’