Laatst bijgewerkt: 9 januari 2026

Recreatieve reizen veroorzaken veel CO2-uitstoot. Daarom stimuleert het ministerie van IenW met de aanpak ‘vergroenen recreatief reisgedrag’ duurzaam reizen in de vrije tijd, bijvoorbeeld naar dagattracties of festivals. Veel gemeenten hebben recreatieve bestemmingen binnen hun gemeentegrenzen en kunnen hieraan ook een bijdrage leveren.

13 megaton CO2-uitstoot

Volgens onderzoek van het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM) veroorzaken recreatieve reizen jaarlijks zo'n 13 megaton CO2-uitstoot. Dat is ongeveer 2 keer zoveel als de CO2-uitstoot van woon-werkverkeer.

Om recreatief reisgedrag te vergroenen jaagt het ministerie van IenW duurzaam reizen aan met projectteams voor dagattracties, festivals, sportevenementen en poppodia. Het onderdeel dagattracties (musea, dierentuinen en pretparken) is het verst uitgewerkt en is relevant voor gemeenten. 

Duurzaam reizen naar dagattracties - rol van gemeenten

Gemeenten hebben vaak nog geen beleid om duurzaam reizen naar dagattracties in hun gebied te stimuleren en/of organiseren. Hiervoor zijn allerlei mogelijkheden:

  • Gemeenten kunnen recreatieve reizen meenemen in concessies en ander mobiliteitsbeleid.
  • Ze kunnen naast openbaar vervoer en de auto ook andere opties verkennen om recreatieve bestemmingen te ontsluiten, zoals publiek vervoer, semi-privaat vervoer (carpoolen) of privaat vervoer (touringcar vanaf treinstation, deelfietssysteem in toeristische regio).
  • Ze kunnen voldoende laadinfrastructuur beschikbaar stellen op parkeergelegenheden bij recreatieve bestemmingen.
  • Ze kunnen hiervoor regionaal samenwerken met dagattracties, natuurparken, hotels, vervoerders, provincies, city marketing organisaties en destinatie marketing organisaties. 

Community of practice

Gemeenten kunnen zich ook aansluiten bij de community of practice over duurzaam reizen naar dagattracties. Dit netwerk ontwikkelt en deelt kennis. Er worden bijvoorbeeld bijeenkomsten georganiseerd waarin aan de hand van casussen best practices en geleerde lessen worden gedeeld. Ook kunnen deelnemers een praktijkvoorbeeld voordragen, bijvoorbeeld een buslijn naar een dagattractie of toepassing van het STOMP-principe bij een evenement.

Inzet van de VNG

De VNG onderzoekt mogelijkheden en draagvlak om duurzame reisopties naar evenementen en/of dagattracties op te nemen in de APV (met een modelbepaling) of het omgevingsplan (met een staalkaart).

Vergroenen reisgedrag

Om het reisgedrag te vergroenen richt IenW zich, naast recreatief reisgedrag, ook op CO2-reductie van werkgebonden personenmobiliteit.