De VNG heeft, onder meer via een motie uit de ALV, signalen van gemeenten ontvangen dat het moeilijk is om hun taken voor soortenbescherming bij na-isolatie uit te voeren. Daarom is een uitvoeringstoets gedaan. Daaruit blijkt dat de aanpak soortenbescherming voor gemeenten uitvoerbaar is, mits aan een aantal voorwaarden wordt voldaan. Gemeenten zijn pas voldoende in staat gesteld om deze taken uit te voeren wanneer de aanbevelingen zijn opgevolgd.
- Lees de uitvoeringstoets (pdf, 512 kB)
- Lees de ALV-motie Uitvoering soortenmanagementplannen (pdf, 238 kB)
In augustus 2023 heeft de Raad van State een streep gezet door de tot die tijd gangbare manier van isoleren van bestaande gebouwen. Om te zorgen dat er toch op kleine schaal geïsoleerd kon worden, en tegelijkertijd te borgen dat dieren (vleermuizen en vogels) beschermd zijn, werd een raamwerk ontwikkeld van oplossingen: tijdelijke werkwijze NVI, pre-SMP-aanpak, SMP-aanpak.
Rol gemeenten
Gemeenten kregen hierin een grote, maar niet wettelijke, rol. Ze hebben onder meer de volgende taken:
- soortenmanagementplan (SMP) opstellen om een omgevingsvergunning van de provincie te krijgen
- zorgen voor alternatieve vleermuisverblijven
Uitvoeringstoets
Voor de uitvoeringstoets zijn diepte-interviews gevoerd met 15 gemeenten, met een goede spreiding over provincies en tussen stedelijke en landelijke gemeenten. Het rapport biedt onafhankelijk inzicht in de knelpunten waar gemeenten tegenaan lopen in de uitvoering, en ook inzicht in wat nodig is om gemeenten voldoende in staat te stellen om de taken te kunnen uitvoeren.
Resultaten
- De aanpakken soortenbescherming (tijdelijke werkwijze NVI, pre-SMP-aanpak, SMP-aanpak) zijn uitvoerbaar voor gemeenten, mits aan een aantal voorwaarden wordt voldaan. Hiervoor zijn onderstaande aanbevelingen gedaan.
- Door de aanbevelingen te volgen, krijgen gemeenten de benodigde middelen, kennis en ondersteuning om een omgevingsvergunning op basis van een SMP te krijgen en beheren. Worden de aanbevelingen niet opgevolgd, dan worden gemeenten hiertoe onvoldoende in staat gesteld.
Aanbevelingen
- Vergroot de financiële ondersteuning voor gemeenten zodat zij voldoende middelen hebben om zowel de initiële kosten als de structurele kosten te dekken. Bied daarnaast duidelijkheid over de juridische status van de aanpak, om te voorkomen dat investeringen worden uitgesteld of niet worden gedaan.
- Neem maatregelen om de kennis te verhogen en faciliteer kennisdeling: alle 12 provincies kunnen hun eigen eisen stellen aan gemeenten. Daarom is generieke informatie niet altijd mogelijk. Alle provincies moeten SMP-beleid opstellen en duidelijk communiceren zodat gemeenten weten aan welke richtlijnen ze moeten voldoen.
- Zorg voor uitbreiding van het aantal ecologen.
- Zorg voor een realistische tijdlijn: wees duidelijk wanneer er wat van gemeenten wordt verwacht, monitor of dit haalbaar blijft en stel indien nodig bij. Communiceer ook eventuele toekomstige wijzigingen actief aan gemeenten.
- Zet in op SMP-beleid voor alle provincies inclusief uniforme richtlijnen vanuit provincies.
- Zorg voor extra ondersteuning voor gemeenten met (veel) buitengebied, bijvoorbeeld met extra subsidie.
Betrokken partijen
Naast de VNG waren ook de ministeries van LVVN, VRO en het IPO bij dit onderzoek betrokken via een begeleidingscommissie. Deze partijen hebben het rapport met de resultaten en aanbevelingen ontvangen en kennen de knelpunten waar gemeenten tegenaan lopen.
De VNG blijft in de gesprekken met het rijk en het IPO benadrukken dat gemeenten voldoende in staat moeten worden gesteld om de taken uit te voeren die voortkomen uit de tijdelijke werkwijze NVI, pre-SMP-aanpak en SMP-aanpak. Als zij deze aanpakken kunnen uitvoeren, draagt dat direct bij aan het halen van de isolatiedoelen van het NIP en daarmee aan de hele energietransitie.