De spoedprocedure is in beginsel slechts bedoeld voor calamiteiten zoals bijvoorbeeld brand. Het is van belang om deze spoedprocedure voor alleen dit soort zaken te gebruiken. In de modelverordening is daarom bepaald dat het bij hantering van de spoedprocedure dient te gaan om voorzieningen in de huisvesting die, gelet op de voortgang van het onderwijs, geen uitstel kunnen lijden.

 

In beginsel is de procedure daarom niet bedoeld voor het aanvragen van een uitbreiding met een lokaal op het moment dat de school een groep groeit. In die situatie echter, waarin de school zeer onverwachts een groei met een of meerdere groepen kent (hetgeen kan worden vastgesteld door het houden van een buitenreguliere telling) en het niet mogelijk is die groepen binnen de school te huisvesten, kan gesproken worden van een situatie die het gebruik van de spoedprocedure rechtvaardigt. Een keuze voor een dergelijke interpretatie van de spoedprocedure vraagt echter om een bestuurlijke afweging op gemeentelijk niveau.

(bron: Bijlage IV bij Ledenbrief 00/123 van 1 september 2000)