VNG Magazine nummer 20, 20 december 2019

Auteur: Rutger van den Dikkenberg

Drie vragen aan ... Jan Markink, gedeputeerde in Gelderland

De provincie Gelderland luidt de noodklok: alhoewel alle 51 gemeenten in de provincie hun begroting sluitend hebben gekregen, zijn er grote zorgen over de gemeentefinanciën. ‘De rek is eruit’, zegt gedeputeerde Jan Markink (VVD).

1. Gemeenten trokken eerder zelf al aan de bel over de grote tekorten; nu waarschuwt u als toezichthouder ook. Hoe erg is het gesteld met de gemeentefinanciën?
‘We kregen voor de zomer de perspectiefnota’s en de kadernota’s van onze gemeenten. Daar schrokken we toen echt van. Op basis van die nota’s zou ongeveer de helft van hen onder preventief toezicht komen. We constateren nu, nu de begrotingen bij ons zijn ingediend, dat gemeenten allemaal hun stinkende best hebben gedaan een sluitende meerjarenbegroting te maken. Dat is allemaal gelukt. Ze zijn diep gegaan, zowel aan de uitgavenkant als aan de inkomstenkant. Er wordt behoorlijk wat vermogen ingezet; gemeenten betalen nu hun boodschappen van het spaargeld. Dat is geen structurele oplossing. Gemeenten hebben vooral bezuinigd, maar er zijn ook enkele gemeenten bij die de ozb fors hebben verhoogd, soms met tientallen procenten. Dat is een zorg voor ons. Van de 51 gemeenten in Gelderland zijn er zo’n vijftien die weinig meer kunnen hebben. Er hoeft volgend jaar maar iets te gebeuren en dan gaat het echt mis. Als de uitkering van het Gemeentefonds straks in de meicirculaire naar beneden wordt bijgesteld, komen gemeenten verder in de knel. Het is heel lastig om dan een begroting te maken. Daar hebben wij als provincie overigens ook last van. Grote vraagstukken krijgen daardoor te weinig aandacht. De energietransitie, waar gemeenten hun handtekening onder hebben gezet. De ICT vraagt veel aandacht, er moet een omgevingsvisie komen. En we zien dat gemeenten de uitgaven aan wegen en voetpaden uitstellen. Dat komt uiteindelijk als een boemerang terug.’

2. Wat moet er gebeuren?
‘Twee dingen. Gemeenten moeten doorgaan met het doorvoeren van efficiënter en doelgerichter werken in de jeugdzorg, de Wmo en de Participatiewet. Daar zijn ze overigens al goed mee bezig. Maar uiteindelijk zal er structureel geld bij moeten komen van het Rijk. Anders is het niet haalbaar om dit probleem op te lossen. Er is nu tijdelijk extra geld, maar daar heb je op de lange termijn weinig aan.’

3. Gelderland is de vierde provincie die aan de bel trekt, na Zuid-Holland, Drenthe en Limburg. Is dit een gecoördineerde actie?
‘Nee, dat is het niet. We hebben hier binnen het Interprovinciaal Overleg (IPO) wel over gesproken, voor het laatst in september. We zien wel wat er gebeurt bij gemeenten, en dit is de oogst hiervan. Dat wij als provincies dit nu zeggen, geeft wel aan hoe acuut dit probleem is. Als IPO lobbyen wij hier overigens ook voor als de gelegenheid zich voordoet. Begin september hadden we Eerste en Tweede Kamerleden uit Gelderland op bezoek, toen kaartte ik dit ook aan. En we hebben een brief gestuurd naar BZK. We hebben zelf veel partnerschappen met gemeenten, bijvoorbeeld als het gaat om het oppakken van de gebiedsopgaven of het energieakkoord. Dat doen we vaak met cofinanciering. We kijken of wij die bijdragen van gemeenten kunnen verlagen en zelf meer kunnen bijdragen. Maar het moet niet zo zijn dat een gemeente die onder preventief toezicht komt, automatisch minder hoeft bij te dragen.’