Nummer 8, 18 mei 2018

Auteur: Rogier van der Wal


Dit boek biedt acht mooie doorkijkjes in het hoofd van lokaal bestuurders die uit overtuiging zijn ingesprongen toen het ergens hommeles was. Vaak is er sprake van een forse crisis. Wat doe je als je dan gevraagd wordt, waarom zeg je dan geen nee? 

De gesprekken die de auteurs hierover gevoerd hebben, leveren acht persoonlijke portretten op, geflankeerd door fraaie illustraties. Het gedoe zelf wordt in kadertjes minimaal beschreven, het accent ligt op de woorden van de betrokken bestuurders, vijf burgemeesters en drie wethouders, die openhartig vertellen over hun ervaringen. 
Aan het eind worden er voorzichtig wat conclusies getrokken, waarbij meteen duidelijk wordt dat er geen ultieme, definitieve aanpak bestaat. Grote gemene deler is dat het hier gaat om stevige bestuurders die hun sporen verdiend hebben, en die in een loopbaanfase zijn aanbeland waarin ze weinig meer te verliezen hebben maar nog wel graag willen helpen in het belang van de gemeenten en hun inwoners. Centraal staat daarbij de bereidheid om zich goed in de situatie te verdiepen en er onbevangen in te staan. Deze (interim-)bestuurders luisteren vooral en hoeden zich voor een te snel oordeel, al geeft bijvoorbeeld Steven de Vreeze, voormalig burgemeester in onder meer Tiel, aan dat hij na zo’n twintig gesprekken wel een beeld heeft en een mening over wat er speelt. Ze zijn bestuurders van buiten, maar geen buitenstaanders. De druk om te scoren hebben ze gehad, hen gaat het om de inhoud en vooral om de mensen en hun onderlinge verhoudingen. Vaak is daar het nodige mis, zit er oud zeer of is er sprake van achterstallig onderhoud, zoals de Schiedamse burgemeester Cor Lamers aangeeft. Al coachend probeert hij dat te doorbreken. En er wordt (te) veel gepraat over de verkeerde dingen. In de woorden van burgemeester van Roermond Rianne Donders: het moet weer over de stad gaan! En ze hebben een doorzettersmentaliteit: sterke tegendruk weerhoudt of ontmoedigt hen niet, integendeel. Ze zien er de uitdaging van en gaan die open aan.
Tegelijk zijn deze bestuurders zich ook bewust van de essentie van politiek, zoals Fatma Koser Kaya, voormalig wethouder in Wassenaar, aangeeft: heel goed aanvoelen wat er in je omgeving gebeurt. Een gedoe-gemeente hoeft geen slangenkuil te zijn, maar het is geen plek voor bange mensen en je moet als bestuurder een olifantshuid hebben.
Spijtig genoeg bevat het boek geen interviews met bestuurders die het niet gered hebben: dat lag te gevoelig. Maar met de observaties van deze acht succesvolle ‘bonjebestrijders’ kunnen we zonder meer ons voordeel doen. 

Rogier van der Wal is strategisch beleidsadviseur wetenschap bij de VNG.

Gebeld bij bestuurlijke bonje door Vincent van Stipdonk en Hester Tjalma, € 19,50, Sdu.

Bestel het boek via de website van Sdu.