Laatst bijgewerkt: 13 oktober 2025

- Zorgen dat inwoners niet alleen nú werk vinden, 
maar ook duurzaam inzetbaar blijven -

Het overgrote deel van de Nederlanders heeft voldoende inkomen uit werk en kan zich zelfstandig bewegen op de arbeidsmarkt. Gemeenten hebben - evenals het UWV - de taak om mensen die langs de zijlijn staan te begeleiden richting werk. Maar werkzekerheid gaat nét iets verder want het gaat er ook om dat mensen ook duurzaam perspectief hebben op werk: dus nu én in de toekomst. In deze Raadgever nemen we betaald werk als uitgangspunt en laten we andere vormen van participatie (mantelzorg, dagbesteding, vrijwilligerswerk) buiten beschouwing. Welke taken hebben gemeenten precies? Wat is de rol van de Raad bij dit vraagstuk en waar heb je als gemeente (geen) invloed op?

Achtergrond

Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van de Participatiewet en hebben de taak arbeidsparticipatie te bevorderen. Gemeenten staan immers dicht bij hun inwoners en kunnen maatwerk bieden, zeker voor mensen met afstand tot de arbeidsmarkt. Gemeenten hebben daarbij veel vrijheid en eerder gemaakte keuzes, de regionale samenwerking, de economische omstandigheden en de financiële positie zijn bepalend voor de mate waarin mensen duurzaam aan het werk kunnen worden geholpen. De ‘gemeentelijke doelgroep’ omvat grofweg alle bijstandsgerechtigden en alle niet-uitkeringsgerechtigden. Anders gezegd: heb je geen baan en geen uitkering bij het UWV? Dan kan de gemeente je helpen richting de arbeidsmarkt. 

De voornaamste gemeentelijke taken zijn:

  • Begeleiden naar werk: Dit gaat van de gesprekken met consulenten tot de inzet van instrumenten als jobcoaching, loonkostensubsidie en de no-riskpolis. Ook kan gekozen worden voor een investering in praktijkleren, taalvaardigheid en omscholingstrajecten.
  • Banenafspraak/Beschut werk: Mensen die niet zelfstandig het minimumloon kunnen verdienen vallen onder de Banenafspraak en kunnen met ondersteuning van de gemeente (of het UWV) aan de slag bij reguliere werkgevers. Als iemand wel kan werken maar de benodigde aanpassingen teveel gevraagd zijn voor een reguliere werkgever, kan beschut werk aangevraagd worden. Gemeenten hebben hier een taakstelling voor en beschut werkers vallen onder de CAO Aan de Slag.
  • Regionale samenwerking: Iedere gemeente valt in een arbeidsmarktregio, waar de centrumgemeente een coördinerende rol heeft. Met de omliggende gemeenten, het UWV, onderwijsinstellingen, SBB, vakbonden en werkgevers worden afspraken gemaakt voor de ondersteuning aan (kwetsbare) mensen. Dit betreft zowel werkenden, werkzoekenden als uitkeringsgerechtigden. De gezamenlijke dienstverlening krijgt vorm in het regionale Werkcentrum en is in opbouw. Voor de nieuwe Wet van school naar duurzaam werk heeft de contactgemeente een rol richting het onderwijs rond vroegtijdig schoolverlaters. 

Sociale infrastructuur (sociaal ontwikkelbedrijven) 

Vrijwel alle gemeenten hebben beschut werk vormgegeven in een sociaal ontwikkelbedrijf* waar ook de krimpende groep mensen met een indicatie sociale werkvoorziening werkt. Uit een groot onderzoek bleek dat de opdracht en aansturing van de so-bedrijven beter moest, eind 2024 zijn bestuurlijke afspraken gemaakt. De grootste gemeente in het samenwerkingsverband ontvangt de komende jaren middelen om de sociale infrastructuur toekomstbestendig te krijgen. Het adviesteam Sociale infrastructuur staat klaar voor gemeenten en so-bedrijven

*Een klein (maar groeiend) aantal gemeenten kiest ervoor om beschut werk uitsluitend vorm te geven bij reguliere werkgevers. De verzamelnaam ‘sociale infrastructuur’ dekt ook deze manier van werken. 

Rol van de raad

Het is een utopie dat iedere inwoner adequaat geholpen kan worden binnen het bestaande financiële kader. Als raad maakt u daarom een afweging waar het zwaartepunt ligt en welke positie ingenomen kan worden in de regionale samenwerking. Een lokale keuze die sterkt afwijkt van de regionale werkwijze kan invloed hebben op de werkzekerheid in de gemeente. Daarom is het raadzaam de verbinding tussen de centrumgemeente en omliggende gemeenten te versterken. Tijdens een werkbezoek aan het sociaal ontwikkelbedrijf of tijdens een werkgeversbijeenkomst kunt u een beeld vormen. De ambitie en visie op werkzekerheid kan immers getoetst worden. Mogelijke vragen zijn: 

  • Is het beleid gericht op snelle plaatsingen of op duurzame inzetbaarheid?
  • Wordt er voldoende samengewerkt met andere gemeenten en de partners in de arbeidsmarktregio zowel voor de dienstverlening aan werkgevers én werkzoekenden? Kunnen inwoners makkelijk ondersteuning vinden en wordt gewerkt aan harmonisering van dienstverlening in de regio?
  • Zijn de uitkomsten van werk- en scholingstrajecten inzichtelijk en doelmatig?
  • Worden drempels voor kwetsbare doelgroepen actief geslecht?

Samenhang bredere opgave

Werkzekerheid is 1 van de 3 pijlers van bestaanszekerheid, naast inkomenszekerheid en inwonersgerichte dienstverlening. De raad ziet dus altijd het bredere geheel. 

Werk kán de belangrijkste bron van inkomsten zijn. Of worden, voor mensen die nu een uitkering ontvangen. De raad kan voorstellen doen voor budgettoekenning en prioritering van kwetsbare groepen mensen die ondersteuning nodig hebben (jongeren, ggz, asielzoekers/statushouders, banenafspraak, niet-uitkeringsgerechtigden, etc.). Vaak spelen armoede, schulden, (mantel)zorg of andere belemmeringen die ook aandacht vragen. In het gesprek binnen de raad en met het college kan ingegaan worden op de aansluiting tussen het werkbeleid en andere domeinen.

Zie ook

Raadgever Bestaanszekerheid