Zo’n 1 op de 5 Nederlanders is jonger dan 18 jaar. Dat betekent dat ook in uw gemeente een aanzienlijk deel van de inwoners bestaat uit kinderen en gezinnen. De gemeente heeft uiteenlopende taken om het gezond en veilig opgroeien en opvoeden te ondersteunen. Als raadslid bent u de stem van de jeugdigen en gezinnen, geeft u richting aan het beleid en controleert u het college van B&W.
De gemeente voert verschillende taken uit, die voor een groot deel zijn opgenomen in de Jeugdwet, maar ook in andere wetten zoals de Wet publieke gezondheid, de Wet maatschappelijk ondersteuning (Wmo), de Leerplichtwet, de Wet op het primair onderwijs (Lokale Educatieve Agenda), Wet voortgezet onderwijs en andere onderwijswetgeving. Vanuit het gemeentelijk jeugdbeleid geredeneerd gaat het om onderstaande 3 thema’s:
- De sociale en pedagogische basis
- Lokale teams
- Jeugdzorg
Versterken van de sociale en pedagogische basis
Het is een bijna duivels dilemma. Moet ik als gemeenteraadslid prioriteit geven aan hervorming van het jeugdstelsel zoals het nu is? De wachtlijsten, de oplopende kosten, de regionale inkoop en samenwerking, de schrijnende situaties van jongeren/kinderen/ouders die acuut hulp nodig hebben? Of moet ik veel meer mijn focus liggen op preventie, de pedagogische basis, het jongerenwerk, het onderwijs? Deze afweging is ook een keuze tussen korte en lange termijn. De korte termijn van de crisis bij jongeren en in gezinnen, en personele en financiële tekorten. En de lange termijn van samenwerking met ouders en jongeren zelf, inwonersinitiatieven, verenigingen (sport/muziek/cultuur) en alle organisaties die actief zijn in de (sociaalpedagogische) basis: de jeugdgezondheidszorg, het onderwijs, de kinderopvang, het jongerenwerk enzovoort.
Vaak wint de korte termijn en de aanpak van acute problemen het van de lange termijn en de structurele oplossingen. Het is echter noodzakelijk om ook aandacht te blijven besteden aan investeringen die bijdragen aan een andere, bredere aanpak van wat goed en nodig is voor de jeugd, inclusief de jeugdzorg. Als we in het jeugdstelsel op de oude voet blijven doorgaan krijgen we wat we kregen en stijgt het jeugdzorggebruik nog verder. En dat is maatschappelijk niet langer wenselijk en houdbaar. Het is zoals de Deskundigencommissie Hervormingsagenda Jeugd (kortweg de commissie-Van Ark) schrijft:
Er ligt een te grote nadruk op het anders organiseren van de jeugdzorg. De oplossing voor de grote vraag naar jeugdhulp ligt vooral in de systemen buiten de jeugdzorg: in het gezin, op school, en in de samenleving. Jeugdhulp is aanpalend aan de andere levensdomeinen, en niet andersom.
Het lukt gemeenten die de jeugdzorg benaderen als onderdeel van een groter geheel over het algemeen beter om grip op de jeugdzorg te krijgen. Kenmerken van zo’n aanpak zijn (onder andere) dat de gemeente werkt vanuit een heldere en gedeelde visie op opgroeien en jeugd en investeert in preventie, vroegsignalering en de samenwerking in het brede sociaal domein.
Daarbij is het cruciaal dat de gemeente een betrouwbare en deskundige partner is in de uitvoering en het gesprek voert over onderliggende waarden, ook als het ingewikkeld wordt. Niet elke onzekerheid of als ingewikkeld ervaren gedrag vraagt om de inzet van (individuele) jeugdzorg. Normaliseren dus. Zonder vragen te bagatelliseren of geen jeugdzorg meer in te zetten waar dat echt kan helpen. Het vraagt om werken vanuit een integrale visie op de jeugd vanuit alle domeinen en wat de jeugd nodig heeft om gezond en veilig op te groeien. Dat gaat zeker niet makkelijk en vanzelf, maar ook als raadslid kunt u daar een bijdrage aan leveren.
Als gemeenteraadslid kunt u sturen op de verbreding van de jeugdaanpak
De verbreding van de jeugdaanpak betekent ook een verbreding van de doelstellingen en beleidsdomeinen. Kinderrechten kennen al een brede benadering en zijn een goed instrument als uitgangspunt voor beleid en uitvoering. Vertaling van de kinderrechten in heldere doelstellingen (zie kader) geeft richting aan de uitvoering van breed gemeentelijk beleid voor het verenigingsleven, het onderwijs, opvoedondersteuning, armoede-aanpak en een dialoog met ouders en jongeren.
Vraag om cijfers en informatie over wat er speelt in buurten en wijken en om een analyse van de (combinatie van) oorzaken achter het jeugdzorggebruik. Ligt er een vraagstuk (echtscheiding, psychische problemen, armoede, taal, prestatiedruk bij ouders dat afstraalt op de kinderen)?. Vraag dan om de kinderen én ouders te ondersteunen en de achterliggende oorzaak van het vraagstuk aan te pakken. Zit het vraagstuk vooral in het onderwijs (taalontwikkeling, pedagogisch klimaat, toetsdruk, handelingsverlegenheid leerkrachten)? Vraag dan de wethouder met het onderwijs in gesprek te gaan hierover.
Last but not least: bespreek dit met jongeren, ouders/verzorgers, professionals, en natuurlijk wethouder en ambtenaren en kom tot realistische keuzes. Niet alles kan tegelijkertijd. Vraag aan het college welke brede aanpak ze samen met ouders, jongeren, samenwerkingspartners ze ontwikkelen. Durf te schuiven in budgetten. En durf ongelijk te investeren in gezinnen, buurten en wijken waar meerdere vraagstukken tegelijkertijd optreden. Bespreek ook met college een manier om de resultaten van deze opbrengsten te volgen
Kinderrechten, maatschappelijke opgaven en kansengelijkheid
De bestuurlijk aanjager brede jeugdagenda voor de VNG Cathalijne Dortmans adviseert om Kinderrechten in te zetten als basis voor het jeugdbeleid. Het geeft een unieke kans om de noodzakelijke verbreding van het jeugdbeleid te organiseren en gemeentelijke wettelijke taken met elkaar in verband te brengen.
Een aantal voorbeelden.
- Kinderen en ouders willen onderwijs, het liefst zo dichtbij mogelijk. Toch stijgt het aantal thuiszitters en het aantal kinderen dat richting het speciaal onderwijs gaat. Met een ambitieuze doelstelling als “geen kind de school uit” geef je richting aan een samenhangende aanpak van jeugdbeleid, onderwijs, leerplicht en leerlingenvervoer.
- Als raadslid met jeugd in de portefeuille, denk je misschien dat ruimtelijke ordening niet relevant is. Maar hoe belangrijk is het dat wijken ook fijn zijn om in op te groeien, met voldoende groen en voorzieningen voor jong en oud.
- Het is bekend dat kinderen uit gezinnen die kampen met schulden en armoede te maken kunnen krijgen met jeugdhulp. Ga hierover met je collega-raadsleden over bestaanszekerheid in gesprek.
- Een schoolgebouw kan veel meer zijn dan een plek om lessen in te volgen. Bekijk of er slimme combinaties gemaakt kunnen worden met kinderopvang, oudercafés en andere voorzieningen die bijdragen aan een laagdrempelige voorziening in de wijk.
Verantwoordelijkheden en bevoegdheden
Deze beweging vraagt om een degelijke samenwerking tussen portefeuilles, binnen je eigen fractie, binnen de gemeenteraad en binnen het college. Voor een deel gaat het ook om een andere manier van werken vanuit de gemeente. Veel meer gericht op het voortbouwen op oplossingen en initiatieven vanuit de wijken en buurten en vanuit onderwijs, kinderopvang, jongerenwerk of Jeugdgezondheidszorg. De wijsheid en oplossingen komen niet altijd uit het gemeentehuis. Als raadslid bent u bij uitstek de persoon om uw voelsprieten in de wijken uit te steken.
Maar het gaat ook om een wat ruimere en een samenhangende taakopvatting waarbij kinderen en gezinnen centraal staan. En als we dan scherp kijken waar de gemeente wél over gaat dan is dat meer dan je denkt. Zie onderstaand kader.
Relevante wet- en regelgeving sociaalpedagogische basis, onderwijs, kinderopvang
Gemeenten gaan niet over de inhoud van het onderwijs of het pedagogisch klimaat in de klas, maar hebben wel veel verantwoordelijkheden die eraan raken. Bijvoorbeeld de verplichting om met het onderwijs en kinderopvang te overleggen over een gezond en veilig pedagogisch klimaat en het lokaal onderwijsbeleid, de Leerplichtwet, het leerlingenvervoer, onderwijshuisvesting, het onderwijsachterstandenbeleid, opvoedondersteuning aan ouders, gelijke-kansenaanpak enzovoort. Wat betreft kinderopvang hebben gemeenten de taak om toezicht te houden op de kwaliteit van de kinderopvang, het organiseren van de Vroeg -en Voorschoolse Educatie en nog veel meer.
En daarnaast geldt: 'Ik ga er misschien niet over, maar ik wil er wel van zijn’
Wat doet de VNG?
De VNG heeft de samenwerking met partijen in het brede onderwijs, kinderopvang en welzijnswerk geïntensiveerd. Daarvoor is een aantal samenwerkingsproducten ontwikkeld, zoals Een-sterke-basis-door-krachtige-samenwerking2021 en de samenwerkingsgids een stevige pedagogische basis, Ook hebben we samen met deze maatschappelijke partners het Statement Kansengelijkheid opgesteld en hebben we gezamenlijk bouwstenen voor nieuw regeerakkoord ontwikkeld. Deze brede samenwerking verdiepen we de komende jaren.
Ook in de gemeentelijke organisatie vraagt een brede jeugd- en gezinsaanpak om samenwerking, bijvoorbeeld op het gebied van sociale basis en sport en cultuur, op de verbinding tussen cultuur en zorg en welzijn en op de verbinding jeugd en bestaanszekerheid.
Wat kinderrechten betreft steunt de VNG het UNICEF programma Child Friendly Cities voor gemeenten | UNICEF, met praktische tools voor kindvriendelijk beleid en ondersteunen we de Nationale Jeugdstrategie | NJR van de Nationale Jeugdraad. We stimuleren gemeenten om werk te maken van kinderen -en jongeren participatie.
We werken samen met diverse kennispartners en programma’s om het werken vanuit de pedagogische basis te stimuleren. Het Nederlands Jeugd Instituut (NJI) is daarbij een belangrijk verzamelpunt van kennis en informatie, onder andere met de wegwijzer voor gemeenten. Als het gaat het om het meten en volgen van de resultaten van de inzet op het versterken van de pedagogische basis is deze publicatie relevant.
Landelijke lobby
In de landelijke lobby zet de VNG zich in voor meer samenhang in het jeugd -en gezinsbeleid en betere en meer structurele ondersteuning van de vele goede voorbeelden van lokale samenwerking, gericht op het versterken van de sociale en pedagogische basis en het vergroten van de kansengelijkheid voor kinderen en jongeren.