De Participatiewet regelt dat gemeenten een vangnet bieden voor inwoners zonder werk en inkomen. Als inwoners onvoldoende eigen middelen hebben om rond te kunnen komen en om mee te kunnen doen in de samenleving, is er recht op bijstand en ondersteuning bij het (opnieuw) vinden van werk.
Wat is de Participatiewet in Balans?
In de vorige bestuursperiode heeft de regering geconstateerd dat de Participatiewet niet voor iedereen werkte zoals dit zou moeten. Mensen in de bijstand ervaren de wet soms als hard en ingewikkeld. Zij voelen zich benaderd vanuit wantrouwen in plaats van vertrouwen. Gemeenten ervaarden te weinig ruimte maatwerk te leveren. Met andere woorden: de Participatiewet is uit balans.
Om het evenwicht te herstellen moeten niet de regels, maar de mens weer centraal komen te staan. De uitgangspunten van de wetswijziging Participatiewet in Balans zijn menselijke maat, vertrouwen en vereenvoudiging. Het doel is de rechtszekerheid van uitkeringsgerechtigden te vergroten en de professionals voldoende ruimte voor maatwerk te geven om hen daarbij te helpen.
Fase 1 van de Participatiewet in Balans is per 1 januari 2026 in werking getreden. De kern van de wijzigingen om de balans te herstellen draait om meer nadruk op bestaanszekerheid, vertrouwen en ondersteuning en minder nadruk op sancties en controle. Gemeenten krijgen meer ruimte om maatwerk toe te passen, bijvoorbeeld bij mantelzorg of giften. De Participatiewet in balans kent in totaal 23 wijzigingen. Deze worden gefaseerd ingevoerd. De eerste 11 wijzigingen zijn op 1 januari 2026 in werking getreden. De andere wijzigingen treden op 1 januari 2027 in werking. Voor enkele van deze laatste wijzigingen is 2026 een gedoogjaar. Deze gefaseerde inwerkintreding is om gemeenten de tijd te geven om de noodzakelijke ICT-aanpassingen te realiseren.
In deze handige Infographic (png, 1,6 MB) vindt u alle 23 wijzigingen op één A4, inclusief de fasering. De VNG ondersteunt de gemeenten bij de implementatie van deze wijzigingen. Een stappenplan voor implementatie vindt u in ons spoorboekje. In het schema wijzigingen en lokale afstemming hebben we samengevat welke afstemming per wijzigingen nodig is. Lees voor meer uitgebreide informatie over de 23 wijzigingen onze Handreiking Participatiewet in Balans.
Rol van de gemeente in de uitvoering van de Participatiewet in Balans
De wet vraagt om een duidelijke koerswijziging in de uitvoering. Gemeenten verschuiven van een vooral controlerende rol naar een meer ondersteunende en faciliterende rol. Vertrouwen, proportionaliteit en maatwerk staan centraal.
Dat betekent concreet:
- Professionals krijgen meer ruimte om af te wegen wat passend is.
- Kleine overtredingen leiden niet automatisch tot standaardverlagingen.
- Er is meer aandacht voor persoonlijke omstandigheden, zoals mantelzorg of incidentele inkomsten.
- Handhaving blijft belangrijk voor belanghebbenden en de verantwoorde besteding van gemeenschapsgeld.
De wet zet ook in op eenvoudigere dienstverlening. Gemeenten beperken administratieve lasten en maken procedures toegankelijker. Informatie moet begrijpelijk zijn. De inwoner staat centraal.
Cultuurverandering
De wet vraagt om een cultuuromslag. Professionals krijgen meer ruimte en verantwoordelijkheid om inwoners mensgericht te ondersteunen bij hun ontwikkeling richting werk en participatie. Het gaat om oog hebben voor de persoonlijke situatie, maatwerk bieden en vertrouwen centraal stellen bij zowel begeleiding naar werk als bij inkomensondersteuning.
Dit vraagt om vertrouwen van het management, het college en de gemeenteraad, zodat consulenten de ruimte krijgen om maatwerk toe te passen en hierin professioneel te handelen, zonder dat zij hierop achteraf worden gecorrigeerd.
Rol van de gemeenteraad:
De raad stelt de beleidskaders vast en controleert de goede uitvoering van de wet door het college van B en W. Ga na of alle wijzigingen op de agenda staan en invulling krijgen door het college.
Er is wettelijk enige ruimte om aan bepaalde aspecten van de wet een lokale inkleuring te geven, bijvoorbeeld de vrijheid die professionals krijgen om hun werk te doen en hoe de handhaving invulling krijgt. De raad bewaakt daarbij het inwonerperspectief. Controleer of het uitgangspunt van vertrouwen en mensgerichte dienstverlening actief invulling krijgt.
- Hoe merken inwoners concreet dat de uitvoering verandert?
- Worden cliëntenraden en maatschappelijke organisaties betrokken bij het beleid?
- Zijn de brieven en andere vormen van communicatie gericht op inwoners en aanvragers begrijpelijk en (digitaal) toegankelijk?
- Is de fysieke dienstverlening laagdrempelig en goed bereikbaar?
- Hebben inwoners mogelijkheden om een vergissing recht te zetten?
- Is er voldoende capaciteit en ruimte vanuit management en wethouders om maatwerk te leveren?
- Wordt het belang van kwetsbare inwoners meegewogen als terugvordering en boetes aan de orde zijn?
- Ook de brede samenhang met andere onderdelen van het Sociaal Domein is van belang. Wordt er bijvoorbeeld gewerkt met werkgevers en partners in zorg en welzijn?
Meten is weten. Wordt er regelmatig gerapporteerd door het college over de voortgang van Participatiewet in Balans en stijgt het vertrouwen in onze inwoners en vice versa en passen we de menselijke maat toe? Worden ontwikkelingen actief gemonitord? Wordt de klantbeleving gemeten? Denk aan aanpassing van de lokale verordeningen. Als de uitvoering regionaal wordt opgepakt: is er afgestemd met de buurgemeenten?
Ook financiële keuzes spelen een rol. Ga na welke investeringen in ICT en scholing van professionals nodig zijn. Investeringen kunnen op korte termijn kosten met zich meebrengen, maar op langere termijn leiden tot minder bezwaarprocedures, minder administratieve lasten en betere participatie.
Meer informatie
Het VNG-programma Participatiewet in Balans ondersteunt gemeenten bij voorbereiding, implementatie en uitvoering van de 23 wijzigingen.
Het programma biedt verder onder meer:
- Handreikingen en factsheets;
- Modelbeleid;
- Keuzewijzers en richtlijnen;
- Infographics en klantreizen;
- Ondersteuning bij bestandsanalyse.
Daarnaast organiseert de VNG bijeenkomsten en spreekuren. Er is afstemming en samenwerking met Divosa, Stimulansz, SAM en het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Gemeenten kunnen met vragen terecht bij het ondersteuningsprogramma participatiewet@vng.nl.