Laatst bijgewerkt: 10 april 2026

Bijna dagelijks horen we in de media dat onze mentale gezondheid onder druk staat. Bijna de helft van de bevolking krijgt ooit te maken met mentale problemen. Velen van ons voelen wellicht ook zelf de druk van de ‘hypernerveuze samenleving’, zoals de Raad voor Volksgezondheid & Samenleving het noemt in zijn rapport ‘Op de rem’. Het rapport wijst op de toenemende nadruk op individuele verantwoordelijkheid, de prestatiedruk en de versnelling als mogelijke oorzaken van de verslechtering van de mentale volksgezondheid. Volgens vrijwel iedereen is het nodig om het tij te keren. 

In deze Raadgever staan we stil bij achterliggende systeemknelpunten en -verbeteringen, en bij de mogelijkheden om als raadslid op mentale gezondheid en suïcidepreventie te kunnen sturen.

Vastgelopen GGZ

De druk op mentale gezondheid heeft te maken met ontwikkelingen in de samenleving, maar ook met het vastlopen van het stelsel. In een recent rapport, Uit balans. Interdepartementale Beleidsonderzoek (IBO) mentale gezondheid en ggz (oktober 2025), constateerden de ministeries van Financiën en VWS dat het ggz-zorgstelsel is vastgelopen. Het rapport stelt dat het systeem van ondersteuning en zorg voor psychische kwetsbaarheid in de huidige vorm niet houdbaar is en beveelt aan het stelsel van ondersteuning en zorg voor psychische problematiek fundamenteel te wijzigen.

De rol van gemeenten

Sinds 2015 hebben de Wet maatschappelijke Ondersteuning (Wmo) en de Jeugdwet – en daarmee dus ook gemeenten – een rol in dit stelsel. Die rol is wezenlijk anders dan van de Zorgverzekeringswet (Zvw), de Wet langdurige zorg (Wlz) en de Wet forensische zorg (Wfz). Waar die laatste 3 wetten werken vanuit een individuele medische en geprotocolleerde blik met een recht op zorg, zijn de Wmo en de Jeugdwet bedoeld om lokale, integrale en vraaggerichte oplossingen te bieden in de vorm van algemene toegankelijke collectieve voorzieningen of als maatwerk.

Vanuit hun taken in het sociaal domein leveren gemeenten momenteel hun aandeel in de beweging van ggz-zorg naar mentale gezondheid. Denk aan de afspraken in IZA/AZWA, het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming en aan de Hervormingsagenda Jeugd.

Gemeenten kunnen bij uitstek een rol spelen in de bevordering van mentale gezondheid. Dat gaat van bestaanszekerheid (Participatiewet, armoede- en schuldenbeleid) via de regie op volkshuisvesting naar het organiseren van brede zorg en ondersteuning voor jeugd en volwassenen. Gemeente omarmen in toenemende mate het concept van Mentale gezondheid in alle beleidsdomeinen (MHIAP) voor het formuleren van een aanpak. De VNG pleit ervoor dat gemeenten in staat worden gesteld integraal en vanuit een passend wettelijk en financieel kader te sturen op mentale gezondheid.

Sturingsmogelijkheden van de gemeenteraad 

  • Mentale gezondheid is een thema in het landelijke gezondheidsbeleid. In december 2025 is de Landelijke nota gezondheidsbeleid 2025-2028 (pdf, 3,2 MB) gepubliceerd. Gemeenteraden moeten, zo is bepaald in de Wet publieke gezondheid (Wpg), hun lokale nota gezondheidsbeleid uiterlijk in december 2027 vaststellen.
  • Suïcidepreventie als onderdeel van mentale gezondheid wordt expliciet benoemd in de Landelijke nota gezondheidsbeleid. Gemeenten dienen hun suïcidepreventiebeleid uiterlijk in december 2027 vast te stellen.
  • In het IZA/AZWA is bepaald dat er een regionale werkagenda moet komen. Mentale gezondheid is een van de leefgebieden waarop afspraken zijn gemaakt om per regio zogeheten basisfunctionaliteiten op in te richten. Voor dit leefgebied gaat het om Laagdrempelige steunpunten, om Sociaal verwijzen en om Mentale gezondheidsnetwerken (inclusief het verkennend gesprek). Zie voor meer informatie de Raadgever Gezond en actief leven (IZA/GALA). (NB: Deze Raadgever wordt momenteel geactualiseerd, link volgt!)

Suïcidepreventie

Per 1 januari 2026 is de Wet integrale suïcidepreventie in werking getreden. Deze wet verplicht het rijk tot samenhangend beleid, met het ministerie van VWS als coördinator. Elke 4 jaar werken de betrokken ministeries dit beleid nader uit in de landelijke nota gezondheidsbeleid. Vanuit deze nota volgt de expliciete opdracht aan gemeenten om ook lokaal een brede en samenhangende aanpak voor suïcidepreventie te ontwikkelen. Het rijk voegt vanaf 2026 jaarlijks € 10 miljoen via een Algemene Uitkering toe aan het gemeentefonds om deze taak te ondersteunen.

De wet vereist dat gemeenten beleid ontwikkelen om zelfdoding tegen te gaan. Hoe ze dat doen mogen gemeenten zelf bepalen. De wet bevat geen materiële normen. Het daadwerkelijke niveau van ambitie en inzet van het gemeentelijke suïcidepreventiebeleid is afhankelijk van politieke besluitvorming en de beschikbare financiële middelen. Wel wordt verwacht dat gemeenten de doelstellingen, acties en resultaten concreet vastleggen. Het ligt in de lijn der verwachting dat suïcidepreventie wordt ingebed in het beleid mentale gezondheid en dat er regionaal wordt samengewerkt.

De VNG, 113 en GGD GHOR Nederland bieden tot en met eind 2026 een ondersteuningsprogramma voor gemeenten en GGD’en met kennis, trainingen en tools. 

Meer informatie

Mentale gezondheid algemeen

Suïcidepreventie