Laatst bijgewerkt: 26 september 2025

Er is een groot en groeiend woningtekort in Nederland. Sommige mensen hebben nog minder kansen op de woningmarkt dan anderen, waarbij ze zich in een kwetsbare situatie bevinden. Dit zijn de zogenoemde ‘aandachtsgroepen’. 

Ze zijn afhankelijk van extra zorg of begeleiding, of zij moeten hun leven (opnieuw) opbouwen. Denk aan lichamelijk en verstandelijk gehandicapten, dak- en thuislozen, mensen die uitstromen uit GGZ, detentie en jeugdzorg, arbeidsmigranten, studenten en statushouders. 

Daarnaast neemt het aantal ouderen in Nederland toe. Er zijn meer woningen nodig die aansluiten bij de wensen en behoeften van ouderen. Daarmee kunnen ouderen zo lang mogelijk zelfstandig wonen, in een passende woning, en in een leefomgeving die uitnodigt tot ontmoeten en bewegen.

Hoe kan een gemeente de aandachtsgroepen en ouderen helpen aan specifieke woonoplossingen, met juiste vormen van begeleiding en zorg? En hoe zorgt een gemeente dan voor de balans met andere woningzoekenden, zodat iedereen een gerede kans op een woning houdt?

Voor de woningbouw voor en huisvesting van aandachtsgroepen en ouderen zijn landelijke programma’s actief (Een thuis voor iedereen en Wonen en zorg voor ouderen) en deze opgaven maken deel uit van de Nationale prestatieafspraken corporatiesector en regionale woondeals. Dit krijgt binnenkort een wettelijke basis met de Wet versterking regie volkshuisvesting. De komende jaren staat de uitvoering van die wet centraal.

Betaalbare woningen 

De woningen moeten betaalbaar worden gebouwd en betaalbaar blijven voor de bewoners. Een groot deel van de aandachtsgroepen en veel ouderen (en andere woningzoekenden) hebben een laag of middeninkomen en zijn hierdoor aangewezen op goedkope en middeldure huisvesting. 

In de bovenstaande programma’s en afspraken, en ook in de Wet versterking regie volkshuisvesting, is als doelstelling opgenomen dat alle gemeenten toewerken naar een woningvoorraad die voor 30% bestaat uit woningen in het sociale segment. Om hiertoe te komen moet in gemeenten met een relatief beperkt sociaal segment, meer sociaal worden gebouwd. En in gemeenten met een hoger sociaal segment, moet meer in het middensegment (middenhuur en sociale koop) worden gebouwd. 

In regionaal verband worden hierover afspraken gemaakt, zodat per regio en per provincie 30% sociaal en 2/3 betaalbaar wordt gebouwd. Als gemeenten er onderling niet uitkomen, of er wordt te weinig sociale huur geprogrammeerd, dan regelt de wet dat de provincie ingrijpt. Op grond van woondeals is afgelopen jaren al gewerkt aan het doel van 30% sociale woningbouw. 

De VNG steunt deze doelstelling en steunt het komende wettelijk verplichtende karakter ervan, al had de VNG de precieze systematiek liever anders gezien.

Domeinen sociaal en wonen moeten samenwerken

De gemeente bouwt zelf geen huizen maar de gemeente voert regie op de volkshuisvesting, samen met provincies en rijk. De gemeente moet hierbij samenwerken met ketenpartners (corporaties, projectontwikkelaars, zorg- en welzijnsaanbieders, zorgverzekeraars) en met andere gemeenten in de regio. 

Ook binnen de gemeente moeten de domeinen sociaal en wonen samenwerken. Want niet het bouwen van woningen, maar het creëren van zorgzame gemeenschappen is van belang. Zodat niet alleen de woningschaarste maar ook de tekorten in zorg en ondersteuning worden teruggebracht, de zelf- en samenredzaamheid van inwoners wordt versterkt en de leefbaarheid in wijken, buurten en dorpen verbetert. 

De opgave van huisvesting voor aandachtsgroepen en ouderen is groot en vraagt gerichte sturing, zowel in het nieuwbouwprogramma als in de bestaande bouw. Er is al veel voorwerk verricht: de opgave, zowel kwantitatief als kwalitatief, ligt besloten in de opgestelde lokale en regionale woonzorgvisies en in de (verrijking van de) woondeals. 

In het volkshuisvestingsprogramma dat elke gemeente moet gaan opstellen, kan de ruimtelijke sturing op de woningbouw en transformatie in alle segmenten en voor alle doelgroepen verder worden geborgd. De woonzorgvisies gaan daarin op. In de huisvestingsverordening moet de voorrang voor wettelijk urgente groepen worden geregeld, en kan de gemeente nog aanvullende regels stellen voor de woonruimteverdeling en het woninggebruik.

Rollen van de gemeenteraad

Zodra de Wet versterking regie volkshuisvesting van kracht wordt (waarschijnlijk per half 2026) start een nog te bepalen termijn om te komen tot een volkshuisvestingsprogramma en een huisvestingsverordening. De gemeenteraad heeft in die periode enkele belangrijke rollen. We maken onderscheid in formele rollen die voortvloeien uit wetgeving, en informele rollen waarbij wij dringend adviseren om de gemeenteraad te betrekken.

Formele rollen:

  • Vaststellen Omgevingsvisie (dat is integraal beleid voor de fysieke leefomgeving, inclusief een evenwichtige samenstelling van de woonvoorraad)
  • Vaststellen Omgevingsplan
  • Vaststellen Huisvestingsverordening, inclusief urgentieregeling en verdeling wettelijk urgenten
  • Vaststellen aangepast Wmo-beleidsplan, waarin zorg en ondersteuning bij het wonen zijn opgenomen

Informele rollen:

  • Meedenken over volkshuisvestingsprogramma (bevoegdheid college van B en W), onder andere omdat dit de basis is voor de toewijzing van woonruimte op grond van de huisvestingsverordening
  • Meedenken over evenwichtige verdeling van urgenten binnen de woningmarktregio

Wat doet de VNG?

In het interbestuurlijke programma ‘Een thuis voor iedereen’ vervult de VNG een sleutelrol. Daarnaast werkt de VNG volop mee aan het interbestuurlijke programma ‘Wonen en zorg voor ouderen’. 

Ook in de voorbereiding op de uitvoering van de Wet versterking regie volkshuisvesting werken we integraal samen met diverse partners. Naast de gezamenlijke ondersteuning van gemeenten, provincies, corporaties en zorg- en welzijnsaanbieders door de landelijke partners, behoudt elke partner de ruimte voor een eigen geluid. 

De VNG stuurt samen met vele gemeenten via overleg en lobby sterk bij op de programma’s en op de wet- en regelgeving. Zodat gemeenten over voldoende randvoorwaarden beschikken om voor hun inwoners te laten bouwen, ze te huisvesten en waar nodig te ondersteunen. 

Meer informatie