Met de opzet van een projectenpool met als titel ‘van Denken naar Doen’ faciliteert het programmateam Geweld hoort nergens thuis (GHNT) regio’s, via gemeenten om hun plannen en projecten van papier naar praktijk te brengen. Of met andere woorden: van Denken naar Doen, om zo knelpunten uit de dagelijkse praktijk structureel op te lossen.

Het gaat om projectaanvragen voor een bedrag vanaf € 25.000 tot € 100.000. Hiervoor is in de jaren 2019, 2020 en 2021, elk jaar 3 miljoen euro beschikbaar.

Lokale of regionale projecten

Lokale of regionale projecten die een structurele bijdrage leveren aan de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling komen in aanmerking voor een financiële impuls, die kan zorgen voor een versnelling, verdieping of een verbreding van een structurele aanpak en het oplossen van knelpunten. Deze impuls is een onderdeel van de algemene ondersteuning die het programmateam GHNT biedt in de regionale aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling.

Een belangrijk uitgangspunt bij de selectie van de projecten is dat ze een bijdrage leveren aan de drie actielijnen en de daarbij behorende bouwstenen. De drie actielijnen zijn: 1) eerder in beeld, 2) stoppen en duurzaam oplossen en 3) aandacht voor specifieke doelgroepen. Zo is er een directe lijn met de realisatie van de doelstellingen van het programma GHNT. Lees meer informatie over de drie actielijnen in de digitale brochure Geweld hoort nergens thuis.


Toetsen op criteria

Samen met de leerkringen, het kernteam en de stuurgroep van het programma GHNT zijn, naast de al genoemde algemene uitgangspunten, nog een vijftal aanvullende criteria benoemd, waarop projecten worden getoetst om in aanmerking te komen voor financiële ondersteuning. Het zijn geen uitsluitende criteria en het gewicht, dat aan de criteria wordt gegeven, hangt af van het project. Vanuit de projectenpool: ‘van Denken naar Doen’ wordt een extra (financiële) impuls gegeven, het gaat dus niet om langdurige financiering of om grote bedragen. De benoemde criteria zijn:

1. Aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling, een voorstel voor een verbeteraanpak:

  • levert een bijdrage aan de doelstellingen van het programma GHNT;
  • sluit aan op één of meerdere actielijnen uit het programma;
  • is passend in de regionale visie;
  • is afgestemd met de regionaal projectleider huiselijk geweld en kindermishandeling.

2. Domein overstijgende samenwerking, een effectieve aanpak van kindermishandeling en huiselijk geweld vraagt een domein overstijgende aanpak. Multidisciplinaire en systeemgerichte samenwerking draagt bij aan een effectievere aanpak van kindermishandeling en huiselijk geweld en is niet vrijblijvend. Het is belangrijk dat je –waar passend-  zorgpartners, de justitieketen, de politie, en het lokale domein (WMO en Jeugd) bij het project betrekt. Ook andere partijen kunnen een belangrijke rol spelen. Denk aan onderwijs, instanties in het sociaal domein, het bedrijfsleven, zorgverzekeraars, slachtofferinstanties, woningbouwcorporaties, vrouwenopvang, etc..

3. Bestuurlijk draagvlak en gedeeld(e) doel/ visie, maak duidelijk welke andere partijen bijdragen aan het project en hoe ze dat concreet doen. Bestuurlijk draagvlak helpt bij het tot stand komen en borgen van een project. Zorg in het projectplan voor een gedeeld doel of gedeelde visie op de verbeteraanpak en de bestuurlijke betrokkenheid. Hou rekening met gevolgen van een aanpassing van werkwijze bij de betrokken partners en hoe de overdracht daarvan wordt vorm gegeven.

4. Aanpakken lokale en/of regionale knelpunten en ervaringsdeskundigen, het project en de uitvoering daarvan gaan over de verbetering van de lokale/regionale praktijk. Het project verbetert de uitvoeringspraktijk merkbaar en lost knelpunten op waar, in de praktijk van alle dag, tegenaan wordt gelopen. Geef in je plan aan welke partijen betrokken worden in de verbeteraanpak en wat hun rol zal zijn. Benut, als het enigszins mogelijk is, de kennis en ervaring van ervaringsdeskundigen.

5. Leren en ontwikkelen, het project moet lerende elementen bevatten, zodat de resultaten overdraagbaar zijn naar een andere lokale of regionale praktijk. Benoem de concrete resultaten en de werkende bestanddelen. Laat in het projectvoorstel zien hoe er wordt geëvalueerd, gemonitord en geleerd, zowel tijdens als ook na afloop van het project.

6. Verduurzaming en borging, het project mag niet op zichzelf staan, maar de resultaten moeten gedurende het project, maar zeker daarna opgenomen kunnen worden in de ‘normale’ werkzaamheden. Zorg er voor dat de betrokkenheid van de verschillende partijen geborgd is en blijft en dat verantwoordelijkheid daarvoor belegd is binnen het project en voor daarna in de structurele aanpak.


Thematiek voor 2019

Voor 2019 zijn in overleg met de leerkringen en de stuurgroep van het programma GHNT, de volgende thema’s opgesteld, die dit jaar in één uitvraag zijn opgenomen:

  • Plegeraanpak in de regio
  • Schadelijke traditionale praktijken (STP)
  • Kinderen in kwetsbare opvoedsituaties
  • Bespreekbaar maken huiselijk geweld en kindermishandeling
  • Lokale infrastructuur
  • MDA++
  • Ouderenmishandeling
  • Traumascreening
  • Sociale steun aan kinderen (o.a. Handle with care)

Daarnaast is het mogelijk om een project in te dienen dat niet onder deze thema’s valt, maar dat wel voldoet aan de gestelde criteria. Per projectvoorstel wordt gekeken of dit wordt gehonoreerd.


Selectie

Bij de selectie van aanvragen wordt naast de genoemde criteria ook gekeken naar regionale spreiding en evenwichtige verdeling van de projecten over de thema’s/onderwerpen. Ook wordt meegewogen welke projecten de meest kansrijke impulsen geven ten behoeven van de structurele aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling. Deze criteria zullen met name worden gebruikt wanneer het totaalbedrag van de aanvragen hoger is dan het beschikbare budget van 3 miljoen euro per jaar. De selectie zal worden gedaan door leden van het programmateam die daar waar nodig worden ondersteund door beleidsmedewerkers van de drie opdrachtgevers.  


Financiering

Omdat het doel is om initiatieven van onderaf te steunen met zo min mogelijk administratieve belasting, zijn we uitgekomen op een werkwijze waarbij alleen centrumgemeenten een aanvraag kunnen doen. Het gaat om bedragen vanaf € 25.000 tot € 100.000. Andere organisaties kunnen dus niet rechtstreeks een beroep doen op de projectenpool, maar zullen dit via een gemeente moeten doen. Voor de jaren 2019, 2020 en 2021 is elk jaar een bedrag van 3 miljoen euro beschikbaar.

Binnen het programma GHNT is Nederland verdeeld in 28 regio’s. Hieraan ten grondslag ligt de indeling centrumgemeenten en regio indeling Veilig Thuis. In de aanvraag moet zichtbaar dat er afstemming en instemming is met de contactpersonen centrumgemeenten. Hij/zij moet zich akkoord verklaren met deze werkwijze omdat de financiële afwikkeling via de centrumgemeenten zal plaatsvinden. Het is aan de regionaal projectleider om de communicatie met alle partijen rondom dit proces voor zijn of haar rekening te nemen.


Proces

Binnen deze financieringsconstructie worden een aantal processtappen gevolgd. De uitvraag wordt gedaan bij de regionale projectleiders en/of de contactpersonen van de centrumgemeenten via een e-mail en een aankondiging op het platform GHNT. De regionaal projectleider legt contact met de contactambtenaar binnen de centrumgemeente. Aanvragers hebben vanaf de datum van de uitvraag acht weken de tijd om te komen tot een projectvoorstel met begroting. De beoordelingscommissie heeft, na die acht weken, twee weken nodig om de projectvoorstellen te toetsen aan de criteria en de thematiek. Na die twee weken wordt de aanvrager persoonlijk via email of telefonisch op de hoogte gesteld van het besluit. Schriftelijke bevestiging volgt daarna.

Alle communicatie rondom de projectenpool ‘van Denken naar Doen’ verloopt via: info@geweldnergensthuis.nl . In het onderwerp graag invullen ‘projectenpool van denken naar doen 2019’ en als het om een specifiek project gaat de titel van het project en de naam van de regio.

Het proces rondom de GHNT projectenpool ‘van Denken naar Doen’ 2019 verliep volgens onderstaande tijdlijn:

Actie

Datum

Start projectenpool ‘van Denken naar Doen’

20 mei 2019

Einddatum voor het inzenden van regionale projecten 2019

12 juli 2019

Selectie ingezonden regionale projecten 2019

15 juli t/m 26 juli 2019

Terugkoppeling aan regionaal projectleider/contactpersoon centrumgemeenten

 Vanaf 26 juli 2019

Start van de regionale projecten *

Uiterlijk 1oktober 2019 (acht weken na toekenning)

Maximale looptijd regionale projecten 2019

Maximaal 18 maanden

Verantwoording regionale projecten 2019

13 weken na eindtijd project

* De startdatum van een regionaal project mag niet later zijn dan 8 weken nadat de officiële toekenning heeft plaatsgevonden. De looptijd van een project is maximaal 18 maanden. Na afloop van het project heeft een regionaal projectleider en/of de contactpersoon centrumgemeente 13 weken tijd om de verantwoording op te stellen en terug te koppelen naar het programmateam GHNT.

Budget 2019 overschreden

Er werd in totaal voor een bedrag van € 5,5 miljoen aan projecten ingediend. Hiermee werd het voor 2019 beschikbare bedrag van € 3 miljoen met € 2.5 miljoen overschreden en konden dus niet alle aanvragen worden toegekend. In totaal is er een bedrag van € 3.199.042,= toegewezen. Zoals eerder gecommuniceerd zijn er keuzes gemaakt waarbij rekening is gehouden met de kwaliteit van de voorstellen, regionale spreiding en  het onderwerp van het project. En er is meegewogen welke projecten de meest kansrijke impulsen creëren voor de structurele aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling of waarvan de inschatting is dat de lerende elementen snel toepasbaar zijn in andere regio’s.

Top 3

Zowel het versterken van lokale teams als de inzet op MDA++ scoren hoog op de lijst met projecten die een (extra) financiële bijdrage vanuit de GHNT projectenpool krijgen. Pleger-aanpak en traumascreening komen op een gedeelde tweede plaats en op drie staan ouderenmishandeling en sociale steun aan kinderen. Het aantal aanvragen en de keuze van veel regio’s om projectvoorstellen in te dienen op onderwerpen die verbinding hebben met de voor 2019 vastgestelde prioriteiten, geeft aan dat in alle regio’s de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling hoog op de agenda staat en dat er een grote bereidheid is om de ambities op dit thema te realiseren.  

Categorie ‘overig’

In de categorie ‘overig’ zijn een zestal projecten gehonoreerd. ‘Overig’ wil zeggen dat de projecten niet direct aan één van de vastgestelde prioriteiten zijn te koppelen. De onderwerpen die in deze categorie aan de orde kwamen hadden o.a. betrekking op de visie op gefaseerde ketenzorg, samenwerken aan veiligheid en een hulp-App voor slachtoffers en betrokkenen.

Effectief instrument

Met de (extra) financiële bijdrage vanuit de projectenpool van Denken naar Doen wil het programma GHNT regio’s faciliteren om hun plannen en projecten van papier naar praktijk te brengen en zo knelpunten uit de dagelijkse praktijk structureel op te lossen. Gezien het feit dat er zo veel animo was en de projecten veelal aansluiten op de prioriteiten voor 2019, lijkt dit een krachtige stimulans te zijn voor de (regionale) aanpak van huiselijke geweld en kindermishandeling. Vanuit de bereidheid om te leren van elkaar en het oog gericht op de gezamenlijke ambities kunnen regionale projecten een bijdrage leveren aan een daadwerkelijk resultaat voor slachtoffers van huiselijk geweld en kindermishandeling en hun sociale omgeving. Op de regionale route 2022 en in de Leerkringen GHNT Zullen de gehonoreerde projecten vanaf oktober 2019 met regelmaat op de agenda staan.

Quick view

Een quick view van de uitkomsten van de GHNT projectenpool 2019 per thema en welke regio’s daarmee aan de slag zijn is beschikbaar. En kun je hier downloaden.

Vragen: info@geweldnergensthuis.nl