Met de opzet van een projectenpool met als titel ‘van Denken naar Doen’ faciliteert het programmateam Geweld hoort nergens thuis (GHNT) regio’s, via gemeenten om hun plannen en projecten van papier naar praktijk te brengen. Of met andere woorden: van Denken naar Doen, om zo knelpunten uit de dagelijkse praktijk structureel op te lossen. Dat deden we in 2019 en gaan we ook doen voor de periode 2020/2021.

Vooruitlopend op de formele publicatie onderstaand alvast enige richtinggevende informatie over de wijze waarop de Projectenpool 2020/2021 zal worden georganiseerd. Uiteraard kunnen hieraan geen rechten worden ontleend. Het nog te publiceren wettelijk kader is en blijft leidend.

Lokale of regionale projecten

Lokale of regionale projecten die een structurele bijdrage leveren aan de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling komen in aanmerking voor een financiële impuls, die kan zorgen voor een versnelling, verdieping of een verbreding van een structurele aanpak en het oplossen van knelpunten. Deze impuls is een onderdeel van de algemene ondersteuning die het programmateam GHNT biedt in de regionale aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling.

Een belangrijk uitgangspunt bij de selectie van de projecten is dat ze een bijdrage leveren aan de drie actielijnen en de daarbij behorende bouwstenen.

De drie actielijnen zijn: 1) eerder in beeld, 2) stoppen en duurzaam oplossen en 3) aandacht voor specifieke doelgroepen. Zo is er een directe lijn met de realisatie van de doelstellingen van het programma GHNT. Lees meer informatie over de drie actielijnen in de digitale brochure Geweld hoort nergens thuis

Budget

In 2019 was € 3 miljoen beschikbaar en voor 2020/2021 zal naar verwachting ruim   € 5 miljoen beschikbaar komen. In het voorjaar 2020 wordt het definitieve budget vastgesteld. Dan wordt ook het wettelijk kader gepubliceerd (waarschijnlijk de Specifieke Uitkering (SPUK). Vanaf dat moment kunnen concrete projectvoorstellen worden ingediend.

Thematiek voor 2020/2021

Voor 2020 en 2021zijn de volgende thema’s opgesteld, die dit jaar in één uitvraag zijn opgenomen:

  • Visie gefaseerde ketenzorg
  • MDA++
  • Versterken wijkteams
  • Integrale sturing
  • Trauma
  • Aanpak huiselijk geweld en Kimi
  • Ouderenmishandeling
  • Plegeraanpak
  • Meldcode

Selectie van de voorstellen: toetsen op criteria

In de wettelijke regeling moet worden opgenomen op welke manier we de voorstellen selecteren. We zullen selecteren op kwaliteit met als uitgangspunt de onderstaande criteria. We houden hierbij zoveel mogelijk rekening met de regionale spreiding.

Criteria:

  • Domein overstijgende samenwerking, een effectieve aanpak van kindermishandeling en huiselijk geweld vraagt een domein overstijgende aanpak. Multidisciplinaire en systeemgerichte samenwerking draagt bij aan een effectievere aanpak van kindermishandeling en huiselijk geweld en is niet vrijblijvend. Het is belangrijk dat je -waar passend -  met relevante partners uit andere domeinen samenwerkt.
  • Inzet ervaringsdeskundigen, het project en de uitvoering daarvan gaan over de verbetering van de lokale/regionale praktijk. Benoem in het plan welke partijen betrokken worden in de verbeteraanpak en wat hun rollen zal zijn. We vinden het belangrijk dat daarbij gebruik wordt gemaakt van de kennis en ervaring van ervaringsdeskundigen.
  • Monitoren, leren en evaluatie: het project bevat lerende elementen, zodat de resultaten ook toepasbaar zijn in andere lokale of regionale situaties. Benoem de concrete resultaten en de werkende bestanddelen. Laat in het projectvoorstel zien hoe er wordt geëvalueerd, gemonitord en geleerd, zowel tijdens als ook na afloop van het project.
  • Verduurzaming en borging, het project mag niet op zichzelf staan, maar de resultaten moeten gedurende het project, maar zeker daarna opgenomen kunnen worden in de reguliere en structurele werkwijze. Zorg ervoor dat de betrokkenheid van de verschillende partijen geborgd is en blijft en dat de verantwoordelijkheid daarvoor belegd is binnen het project en voor daarna in de structurele aanpak.

Uitsluitingscriteria

Naast bovengenoemde selectiecriteria worden ook uitsluitingscriteria gehanteerd. Vooralsnog geldt als uitgangspunt dat projectvoorstellen niet worden beoordeeld en gehonoreerd wanneer één of meerdere van de volgende zaken van toepassing is/zijn:

  1. Het projectvoorstel behoort tot de reguliere taken van een gemeente of organisatie en is opgenomen in de reguliere begroting van de desbetreffende gemeente of organisatie;
  2. Het projectvoorstel vindt plaats binnen één organisatie;
  3. In het projectvoorstel komt niet naar voren dat sprake is van bestuurlijk draagvlak;
  4. Het projectvoorstel levert geen bijdrage aan en/of voorziet niet in:
    • De doelstellingen van het programma Geweld Hoort Nergens Thuis;
    • Een projectbegroting met financiële onderbouwing;
    • Een concrete projectplanning, die rekening houdt met de ingangsdatum van de wettelijke regeling en einddatum 31 december 2021;
  5. Uit het projectvoorstel blijkt niet de goedkeuring van de regionaal projectleider Geweld Hoort Nergens Thuis.

Financiering en verantwoording

Evenals in 2019 geldt ook voor de aanvragen 2020/21 dat deze via de centrumgemeenten worden ingediend. De aan een aanvraag verbonden projectbegroting dient minimaal € 25.000 en mag (waarschijnlijk) maximaal € 192.000 bedragen. Definitieve informatie hieromtrent volgt nog.

Alhoewel het streven gericht blijft op een zo laag mogelijke administratieve belasting brengt de toepassing van de SPUK ook met zich mee dat sprake zal zijn van SiSa-verantwoording per (centrum)gemeente. Ook dit onderwerp wordt nog nader uitgewerkt.

Proces

Zodra duidelijkheid bestaat over het proces, de precieze invulling en de daaraan gekoppelde tijdlijnen worden jullie daarover geïnformeerd. Vooralsnog sturen we op indiening in mei en beoordeling voor de zomer (officiële toekenning na de zomer). Dus nogmaals, bedenk alvast waar je een financiële ondersteuning op zou willen hebben vanuit het programma. 

Vragen: info@geweldnergensthuis.nl

PROJECTENPOOL ‘VAN DENKEN NAAR DOEN’ 2019

Met de opzet van een projectenpool met als titel ‘van Denken naar Doen’ faciliteert het programmateam Geweld hoort nergens thuis (GHNT) regio’s, via gemeenten om hun plannen en projecten van papier naar praktijk te brengen. Of met andere woorden: van Denken naar Doen, om zo knelpunten uit de dagelijkse praktijk structureel op te lossen.

Het gaat om projectaanvragen voor een bedrag vanaf € 25.000 tot € 100.000. Hiervoor is in 2019: 3 miljoen euro beschikbaar.

Lokale of regionale projecten

Lokale of regionale projecten die een structurele bijdrage leveren aan de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling komen in aanmerking voor een financiële impuls, die kan zorgen voor een versnelling, verdieping of een verbreding van een structurele aanpak en het oplossen van knelpunten. Deze impuls is een onderdeel van de algemene ondersteuning die het programmateam GHNT biedt in de regionale aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling.

Een belangrijk uitgangspunt bij de selectie van de projecten is dat ze een bijdrage leveren aan de drie actielijnen en de daarbij behorende bouwstenen. De drie actielijnen zijn: 1) eerder in beeld, 2) stoppen en duurzaam oplossen en 3) aandacht voor specifieke doelgroepen. Zo is er een directe lijn met de realisatie van de doelstellingen van het programma GHNT. Lees meer informatie over de drie actielijnen in de digitale brochure Geweld hoort nergens thuis.

Toetsen op criteria

Samen met de leerkringen, het kernteam en de stuurgroep van het programma GHNT zijn, naast de al genoemde algemene uitgangspunten, nog een vijftal aanvullende criteria benoemd, waarop projecten worden getoetst om in aanmerking te komen voor financiële ondersteuning. Het zijn geen uitsluitende criteria en het gewicht, dat aan de criteria wordt gegeven, hangt af van het project. Vanuit de projectenpool: ‘van Denken naar Doen’ wordt een extra (financiële) impuls gegeven, het gaat dus niet om langdurige financiering of om grote bedragen. De benoemde criteria zijn:

1. Aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling, een voorstel voor een verbeteraanpak:

  • levert een bijdrage aan de doelstellingen van het programma GHNT;
  • sluit aan op één of meerdere actielijnen uit het programma;
  • is passend in de regionale visie;
  • is afgestemd met de regionaal projectleider huiselijk geweld en kindermishandeling.

2. Domein overstijgende samenwerking, een effectieve aanpak van kindermishandeling en huiselijk geweld vraagt een domein overstijgende aanpak. Multidisciplinaire en systeemgerichte samenwerking draagt bij aan een effectievere aanpak van kindermishandeling en huiselijk geweld en is niet vrijblijvend. Het is belangrijk dat je –waar passend-  zorgpartners, de justitieketen, de politie, en het lokale domein (WMO en Jeugd) bij het project betrekt. Ook andere partijen kunnen een belangrijke rol spelen. Denk aan onderwijs, instanties in het sociaal domein, het bedrijfsleven, zorgverzekeraars, slachtofferinstanties, woningbouwcorporaties, vrouwenopvang, etc..

3. Bestuurlijk draagvlak en gedeeld(e) doel/ visie, maak duidelijk welke andere partijen bijdragen aan het project en hoe ze dat concreet doen. Bestuurlijk draagvlak helpt bij het tot stand komen en borgen van een project. Zorg in het projectplan voor een gedeeld doel of gedeelde visie op de verbeteraanpak en de bestuurlijke betrokkenheid. Hou rekening met gevolgen van een aanpassing van werkwijze bij de betrokken partners en hoe de overdracht daarvan wordt vorm gegeven.

4. Aanpakken lokale en/of regionale knelpunten en ervaringsdeskundigen, het project en de uitvoering daarvan gaan over de verbetering van de lokale/regionale praktijk. Het project verbetert de uitvoeringspraktijk merkbaar en lost knelpunten op waar, in de praktijk van alle dag, tegenaan wordt gelopen. Geef in je plan aan welke partijen betrokken worden in de verbeteraanpak en wat hun rol zal zijn. Benut, als het enigszins mogelijk is, de kennis en ervaring van ervaringsdeskundigen.

5. Leren en ontwikkelen, het project moet lerende elementen bevatten, zodat de resultaten overdraagbaar zijn naar een andere lokale of regionale praktijk. Benoem de concrete resultaten en de werkende bestanddelen. Laat in het projectvoorstel zien hoe er wordt geëvalueerd, gemonitord en geleerd, zowel tijdens als ook na afloop van het project.

6. Verduurzaming en borging, het project mag niet op zichzelf staan, maar de resultaten moeten gedurende het project, maar zeker daarna opgenomen kunnen worden in de ‘normale’ werkzaamheden. Zorg er voor dat de betrokkenheid van de verschillende partijen geborgd is en blijft en dat verantwoordelijkheid daarvoor belegd is binnen het project en voor daarna in de structurele aanpak.

Thematiek voor 2019

Voor 2019 zijn in overleg met de leerkringen en de stuurgroep van het programma GHNT, de volgende thema’s opgesteld, die dit jaar in één uitvraag zijn opgenomen:

  • Plegeraanpak in de regio
  • Schadelijke traditionale praktijken (STP)
  • Kinderen in kwetsbare opvoedsituaties
  • Bespreekbaar maken huiselijk geweld en kindermishandeling
  • Lokale infrastructuur
  • MDA++
  • Ouderenmishandeling
  • Traumascreening
  • Sociale steun aan kinderen (o.a. Handle with care)

Daarnaast is het mogelijk om een project in te dienen dat niet onder deze thema’s valt, maar dat wel voldoet aan de gestelde criteria. Per projectvoorstel wordt gekeken of dit wordt gehonoreerd.

Selectie

Bij de selectie van aanvragen wordt naast de genoemde criteria ook gekeken naar regionale spreiding en evenwichtige verdeling van de projecten over de thema’s/onderwerpen. Ook wordt meegewogen welke projecten de meest kansrijke impulsen geven ten behoeve van de structurele aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling. Deze criteria zullen met name worden gebruikt wanneer het totaalbedrag van de aanvragen hoger is dan het voor 2019 beschikbare budget ad 3 miljoen euro.. De selectie zal worden gedaan door leden van het programmateam die daar waar nodig worden ondersteund door beleidsmedewerkers van de drie opdrachtgevers.  

Financiering

Omdat het doel is om initiatieven van onderaf te steunen met zo min mogelijk administratieve belasting, zijn we uitgekomen op een werkwijze waarbij alleen centrumgemeenten een aanvraag kunnen doen. Het gaat om bedragen vanaf € 25.000 tot € 100.000. Andere organisaties kunnen dus niet rechtstreeks een beroep doen op de projectenpool, maar zullen dit via een gemeente moeten doen. Voor 2019 is een bedrag van 3 miljoen euro beschikbaar.

Binnen het programma GHNT is Nederland verdeeld in 28 regio’s. Hieraan ten grondslag ligt de indeling centrumgemeenten en regio indeling Veilig Thuis. In de aanvraag moet zichtbaar dat er afstemming en instemming is met de contactpersonen centrumgemeenten. Hij/zij moet zich akkoord verklaren met deze werkwijze omdat de financiële afwikkeling via de centrumgemeenten zal plaatsvinden. Het is aan de regionaal projectleider om de communicatie met alle partijen rondom dit proces voor zijn of haar rekening te nemen.

Proces

Binnen deze financieringsconstructie worden een aantal processtappen gevolgd. De uitvraag wordt gedaan bij de regionale projectleiders en/of de contactpersonen van de centrumgemeenten via een e-mail en een aankondiging op het platform GHNT. De regionaal projectleider legt contact met de contactambtenaar binnen de centrumgemeente. Aanvragers hebben vanaf de datum van de uitvraag acht weken de tijd om te komen tot een projectvoorstel met begroting. De beoordelingscommissie heeft, na die acht weken, twee weken nodig om de projectvoorstellen te toetsen aan de criteria en de thematiek. Na die twee weken wordt de aanvrager persoonlijk via email of telefonisch op de hoogte gesteld van het besluit. Schriftelijke bevestiging volgt daarna.

Alle communicatie rondom de projectenpool ‘van Denken naar Doen’ verloopt via: info@geweldnergensthuis.nl . In het onderwerp graag invullen ‘projectenpool van denken naar doen 2019’ en als het om een specifiek project gaat de titel van het project en de naam van de regio.

Aanvragen & proces 2019

Het proces rondom de GHNT projectenpool ‘van Denken naar Doen’ 2019 verliep volgens onderstaande tijdlijn:

Actie

Datum

Start projectenpool ‘van Denken naar Doen’

20 mei 2019

Einddatum voor het inzenden van regionale projecten 2019

12 juli 2019

Selectie ingezonden regionale projecten 2019

15 juli t/m 26 juli 2019

Terugkoppeling aan regionaal projectleider/contactpersoon centrumgemeenten

Vanaf 26 juli 2019

Start van de regionale projecten *

Uiterlijk 1oktober 2019 (acht weken na toekenning)

Maximale looptijd regionale projecten 2019

Maximaal 18 maanden

Verantwoording regionale projecten 2019

13 weken na eindtijd project

* De startdatum van een regionaal project mag niet later zijn dan 8 weken nadat de officiële toekenning heeft plaatsgevonden. De looptijd van een project is maximaal 18 maanden. Na afloop van het project heeft een regionaal projectleider en/of de contactpersoon centrumgemeente 13 weken tijd om de verantwoording op te stellen en terug te koppelen naar het programmateam GHNT.

Budget 2019 overschreden

Er werd in totaal voor een bedrag van € 5,5 miljoen aan projecten ingediend. Hiermee werd het voor 2019 beschikbare bedrag van € 3 miljoen met € 2.5 miljoen overschreden en konden dus niet alle aanvragen worden toegekend. In totaal is er een bedrag van € 3.199.042 toegewezen. Zoals eerder gecommuniceerd zijn er keuzes gemaakt waarbij rekening is gehouden met de kwaliteit van de voorstellen, regionale spreiding en het onderwerp van het project. En er is meegewogen welke projecten de meest kansrijke impulsen creëren voor de structurele aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling of waarvan de inschatting is dat de lerende elementen snel toepasbaar zijn in andere regio’s.

Top 3

Zowel het versterken van lokale teams als de inzet op MDA++ scoren hoog op de lijst met projecten die een (extra) financiële bijdrage vanuit de GHNT projectenpool krijgen. Pleger-aanpak en traumascreening komen op een gedeelde tweede plaats en op drie staan ouderenmishandeling en sociale steun aan kinderen. Het aantal aanvragen en de keuze van veel regio’s om projectvoorstellen in te dienen op onderwerpen die verbinding hebben met de voor 2019 vastgestelde prioriteiten, geeft aan dat in alle regio’s de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling hoog op de agenda staat en dat er een grote bereidheid is om de ambities op dit thema te realiseren.  

Categorie ‘overig’

In de categorie ‘overig’ zijn een zestal projecten gehonoreerd. ‘Overig’ wil zeggen dat de projecten niet direct aan één van de vastgestelde prioriteiten zijn te koppelen. De onderwerpen die in deze categorie aan de orde kwamen hadden o.a. betrekking op de visie op gefaseerde ketenzorg, samenwerken aan veiligheid en een hulp-App voor slachtoffers en betrokkenen.

Effectief instrument

Met de (extra) financiële bijdrage vanuit de projectenpool van Denken naar Doen wil het programma GHNT regio’s faciliteren om hun plannen en projecten van papier naar praktijk te brengen en zo knelpunten uit de dagelijkse praktijk structureel op te lossen. Gezien het feit dat er zo veel animo was en de projecten veelal aansluiten op de prioriteiten voor 2019, lijkt dit een krachtige stimulans te zijn voor de (regionale) aanpak van huiselijke geweld en kindermishandeling. Vanuit de bereidheid om te leren van elkaar en het oog gericht op de gezamenlijke ambities kunnen regionale projecten een bijdrage leveren aan een daadwerkelijk resultaat voor slachtoffers van huiselijk geweld en kindermishandeling en hun sociale omgeving. Op de regionale route 2022 en in de Leerkringen GHNT Zullen de gehonoreerde projecten vanaf oktober 2019 met regelmaat op de agenda staan.

Quick view

Een quick view van de uitkomsten van de GHNT projectenpool 2019 per thema en welke regio’s daarmee aan de slag zijn is beschikbaar. En kun je hier downloaden.

Vragen: info@geweldnergensthuis.nl