Vluchtelingen willen ook gewoon gelukkig zijn

De vierde werkconferentie Samen Doen, van Vluchteling tot Inwoner, wordt geopend door dagvoorzitter Marco Florijn. Namens de organiserende partijen -OTAV, Platform Opnieuw Thuis en OTAV Gezondheid- heet hij Friezen, Drenten, Groningers en een verdwaalde Overijsselaar van harte welkom in Hotel Heidehof in Heerenveen.

OTAV stopt. Platform Opnieuw Thuis stopt. OTAV Gezondheid gaat nog door tot 1 mei 2018. Maar de ruim honderdtachtig deelnemers gaan door, om statushouders te begeleiden naar een zachte landing en een soepele inburgering in Nederland. Marco: ‘Ik zie hier een grote diversiteit aan organisaties, die dagelijks keihard werken om vluchtelingen op weg te helpen naar een volledige integratie in Nederland. De bevindingen van onze platforms blijven beschikbaar, de lessen die we leerden nemen we mee richting gemeenten, woningcoöperaties en alle andere partijen. Deze dag is daar een begin van.’

Maak gebruik van bestaande netwerken

Wethouder Andries Ekhart, die spijbelt van een collegevergadering in Leeuwarden om bij de bijeenkomst te kunnen zijn, ziet daarin een grote rol weggelegd voor de gemeenten. Op die manier kunnen we komen tot een integrale aanpak die werkt, meent hij: ‘Laat er alsjeblieft geen marktwerking op los, neem zelf de regie. Maak gebruik van de netwerken die er al zijn, met scholen en bedrijven. In Friesland pakken we dit niet per gemeente op, maar op provinciale schaal. Jonge mensen plaatsen we in de stad, zodat ze dicht bij school en werk zitten. Jonge gezinnen krijgen een huis in een dorp, met ruimte voor de kinderen om snel aan te haken. En kijk vanaf het begin naar de achtergrond van de vluchtelingen, zodat mensen zo snel mogelijk kunnen werken op basis van hun mogelijkheden.’

Werk is essentieel bij een snelle inburgering

Werk en inburgering moeten hand in hand, stelt Andries. Zeker niet volgtijdelijk: ‘Statushouders die lang bezig met alleen maar inburgeren, raken op afstand en blijven langer in de bijstand. Dat komt op ons bordje. We zijn het aan onszelf én aan deze mensen verplicht om snel en gericht maatwerk te leveren. Mijn verre voorouders kwamen uit Duitsland hierheen om te werken. Als zij eerst een uitgebreide inburgering hadden moeten doorlopen, had ik hier niet gestaan.’  

Vluchtelingen doen hun best, Nederlanders ook?

Met deze vraag maakt Mamadou Congo van VluchtelingWerk Noord-Nederland een pittig statement. Het verhaal van deze vluchteling uit Burkina Faso sluit prima aan bij de wethouder. In de trainingen die hij geeft aan statushouders staat de eigenheid van mensen centraal, en het belang dat juist te behouden: ‘Neem tien vluchtelingen en je hebt tien compleet verschillende personen. Kijk waar hun kracht ligt in plaats van ze te betuttelen óf ze af te laten vallen vanwege gebrek aan ervaring of een gebrekkige taalbeheersing. Nee, geef ze die ervaring! En dan niet als schoonmaker in een leeg kantoor, of ergens in een magazijn. Breng ze onder de mensen zodat hun taalvaardigheden groeien.’

Niet het wiel uitvinden, maar je eigen wiel gebruiken

Mamadous doel is om vluchtelingen hun weg te laten vinden in Nederland. Maar dan elk op hun manier. Hun kennis, hun vaardigheden ook, leren toepassen in de Nederlandse maatschappij: ‘Doktoren of verpleegkundigen moet je niet in een kringloopwinkel zetten. Laat ze meelopen in het ziekenhuis. Bloedprikken is overal hetzelfde, de omgeving en de werkwijze is anders. Maar laat vluchtelingen dat ervaren en zich eigen maken, dát helpt ze vooruit.’ Nederlanders, zo besluit Mamadou, willen werk doen dat past bij hun ambitie en hun kwaliteiten. Vinden we allemaal heel normaal. Van vluchtelingen wordt verwacht dat ze solliciteren op een baan als patatbakker: ‘Hoezo solliciteren? Iedereen kan patat bakken! En ze willen niet eens patat bakken. Ze willen iets doen dat past bij hun ambitie en hun kwaliteiten. Onthoud dat: vluchtelingen willen ook gewoon gelukkig zijn. Dan komt dat inburgeren vanzelf.’

Verdiep je in de vluchteling

Dat is ook de les die Afrah Abdullah haar luisteraars wil meegeven. Ze vluchtte in 1989 als minderjarige uit Somalië en geeft nu, als sleutelpersoon van OTAV Gezondheid, voorlichting aan vluchtelingen over gezondheid en hygiëne. Lezingen die ze vaak voortijdig moet afbreken omdat de mensen zoveel praktische vragen hebben: ‘Ze weten vaak niet eens wie hun huisarts is. Dat komt doordat ze de voorlichting van de instanties niet hebben begrepen. En vragen stellen? Als je uit een dictatuur komt ben je gewend geen vragen te stellen en niets uit jezelf te doen. Die angst, in combinatie met onwetendheid, levert frustraties op. Dat kan leiden tot vluchten in drank en drugs en gezondheidsproblemen.’

Volg een opfriscursus

Van Eritreeërs wordt gedacht dat ze verlegen zijn, maar daar zit dus veel meer achter. Afrah: ‘Die teruggetrokkenheid is cultureel bepaald, al dan niet versterkt door een trauma. Alle mannen in Eritrea worden op hun zestiende uit huis geplukt om vaak niet meer terug te keren. Dan laat je het wel om je nek uit te steken. Mijn oproep: geef mensen meer hulp bij gezondheidszaken en blijf dat aandacht geven. En volg af en toe een opfriscursus over de achtergronden en cultuur van grote groepen vluchtelingen. Want er zit altijd meer achter de verhalen van een vluchteling.’

Termen in de word cloud

Na deze boeiende verhalen is het niet verbazingwekkend dat gezondheid, maatwerk,  samenwerken en begeleiding als belangrijke termen tevoorschijn kwamen in de ‘word cloud’ die de deelnemers samen vormden tijdens de discussie.

‘s Middags deed George Arakel de plenaire aftrap en bleef  voor de deelnemers dichtbij huis met zijn ervaringen in Vlagtwedde en Stadskanaal.