De ontwikkeling van internationale migratiestromen is zodanig onzeker dat we ook in de komende jaren rekening moeten houden met grote schommelingen in de asielinstroom; zowel qua volume als qua samenstelling. Dit vraagt om een asielsysteem dat hier flexibel op inspeelt en daarmee duurzaam is. Degenen die mogen blijven moeten snel kunnen meedoen in onze samenleving. Dat betekent onder andere dat we het taalniveau en de arbeidsparticipatie van nieuwkomers, waaronder vluchtelingen, zullen verbeteren. Degenen die uiteindelijk niet mogen blijven dienen zo snel mogelijk terug te keren. Doordat ze dit niet altijd doen worden Rijk en gemeenten geconfronteerd met de problematiek van migranten zonder verblijfstitel die zich in gemeenten bevinden en daar aanspraak maken op voorzieningen.

Overheid van Nu

Kijk voor de actuele stand van zaken op de website van de Overheid van Nu

Opgave 6: Migrant en Nederland goed voorbereid

Op de startdag van het Interbestuurlijk Programma op 5 april 2018 kwamen gemeenteambtenaren en VNG-medewerkers samen in Den Bosch.

Centraal stond de vraag: wat doen gemeenten al op de opgaven en wat is nodig om effectiever en sneller resultaat te behalen?


Uitwerking maatschappelijke opgave

Op de startdag is de opgave onderverdeeld in drie onderdelen:

  • De asielketen: deze moet dusdanig flexibel zijn waardoor ze bestand is tegen fluctuaties in instroom van asielzoekers. Dit geldt zowel voor het volume als de samenstelling van de instroom.
  • (Asiel-) en gezinsmigranten: het is belangrijk om ervoor te zorgen dat zij vanaf dag één worden geactiveerd vanuit een lerende omgeving. Hierbij moet een doorgaande lijn van integratie en participatie plaatsvinden. Het doel is om integrale trajecten op maat te bieden aan nieuwkomers waarbij er een combinatie gemaakt wordt tussen taal, inburgering, opleiding, geleiding naar werk, financiële zelfredzaamheid en gezondheid.
  • Uitstroom: Voor degenen die niet mogen blijven maken we een duurzame oplossing mogelijk.

Op alle drie de onderdelen is al heel veel in gang gebracht. Het IBP benadrukt de gezamenlijkheid van deze maatschappelijke opgave. De aanwezige gemeenteambtenaren benadrukken dat de grote instroom asielzoekers weliswaar minder is geworden, maar dat er nu een belangrijke taak ligt om de inburgering goed te laten verlopen. De term ‘integratie’ is niet opgenomen in de startnotitie, maar is een belangrijk onderdeel van deze opgave. Op het gebied van integratie is het belangrijk dat er snel kan worden gestart met de integratie, en ook dat dit langdurig wordt gedaan.

Gemeenten zouden zich graag wat flexibeler kunnen opstellen en meer mogelijkheden hebben om vanuit eigen inzicht te handelen. Daarnaast is het belangrijk dat in het IBP aandacht komt voor een betere samenwerking: bijvoorbeeld tussen gemeenten en regio’s onderling, en met het COA.

Aan de slag

Tijdens de startdag is een kerngroep gevormd van gemeenteambtenaren, ondersteund door de VNG. Zij willen gedurende het IBP meedenken over deze opgave. Gemeenten die niet vertegenwoordigd zijn in het kernteam fungeren als klankbordgroep en kunnen zo ook blijven meedenken. Met alle opgehaalde informatie gaat het kernteam de komende tijd aan de slag om de opgave nog verder uit te werken. Vervolgens gaan zij aan tafel met de Rijksoverheid om de opgave op basis van gelijkwaardigheid samen uit te werken.

Flexibilisering van de asielketen

Behaalde resultaten 

√ Wetstrajecten t.a.v. het verkorten van de verblijfduur van vijf naar drie jaar, het afzien van een gehoor als blijkt dat een herhaalde aanvraag geen kans van slagen heeft en het alleen verstrekken van rechtsbijstand na een voornemen tot wijziging van het asielbesluit zijn in 2018 in gang gezet en worden in 2019 in consultatie gebracht en/of naar de Tweede Kamer verzonden.

Toekomst

□ Er wordt gestart met het inventariseren en testen van verschillende vormen van flexibele opvang die moeten helpen bij de uitwerking van scenario’s zodat bij fluctuaties in de instroom de opvangcapaciteit snel kan worden op- of afgeschaald.
□ Ook het aanbieden van flexibele woonoplossingen voor vergunninghouders en andere doelgroepen hangt daarmee samen. In 2019 worden in dat kader meerdere pilots uitgerold om te experimenteren met verschillende vormen van tijdelijke, flexibele voorzieningen voor verschillende doelgroepen.
□ Bestuurlijke afspraken over flexibele opvang oktober 2019. 

Landelijke Vreemdelingenvoorzieningen

Behaalde resultaten 

√ Samenwerkingsafspraken, november 2018.
√ In Q1 2019 zijn met de vijf pilotgemeenten (Amsterdam, Rotterdam, Utrecht, Eindhoven en Groningen) convenanten gesloten, waarmee de pilots in die gemeenten voor de periode 2019-2021 operationeel van start kunnen gaan.
√ Gelijktijdig met de start van de pilots begint de monitoring van de pilots door onafhankelijke onderzoekers, met als doel om de doeltreffendheid ervan te kunnen evalueren in de opmaat naar het beoogde bestuursakkoord.

Toekomst

□ Naast de vijf pilotgemeenten worden andere gemeenten betrokken bij het verloop van de pilots en de vormgeving van de uiteindelijke regionale functie. Het doel is om de BBB-voorzieningen af te bouwen en in deze kabinetsperiode acht LVV’s in werking te hebben.

Veranderopgave inburgering

Behaalde resultaten 

√ Hoofdlijnenbrief met de belangrijkste kaders van het nieuwe inburgeringsstelsel.
√ SZW heeft Wet inburgering in consultatie gebracht.
√ Programma pilots en evaluaties van start: tot eind 2020 worden met name de onderdelen van het nieuwe inburgeringsstelsel waar minder praktijkervaring voorhanden is gevolgd en indien gewenst in de pilotperiode of daarna aangepast, om het stelsel gaandeweg te kunnen versterken.

Toekomst

□ Bestuurlijke afspraken SZW en VNG.
 

Meer informatie