Nummer 13, 8 september 2017

Auteur: Paul van der Zwan | Beeld: Arie Kievit/HH

Voormalig VNG-voorzitter Wim Deetman is gevraagd de governancestructuur van de VNG te evalueren tegen het licht van de veranderingen in de samenleving.

In 2013 verscheen het rapport van de Commissie Governance, die onder voorzitterschap stond van de toenmalige burgemeester van Dordrecht Arno Brok. Die commissie adviseerde over versterking van de bestuurlijke organisatie van de VNG en vergroting van de ledenbetrokkenheid. Een van de veranderingen die op grond daarvan is doorgevoerd, is de instelling van de VNG-commissie Raadsleden en Griffiers.

Analyse
Tijd voor een evaluatie van de governance van de VNG, zo vindt het VNG-bestuur. Het verzocht Deetman, voorzitter van 2000 tot 2007, een analyse te maken van het functioneren van de bestuurlijke organisatie van de VNG. Trends die van belang zijn voor de VNG moeten daarbij eveneens aan bod komen. Deetman begrijpt wel waarom het bestuur hem nu vraagt voor die evaluatie. ‘Het is van belang om te weten hoe veranderingen op grond van de voorstellen van Brok in de praktijk uitwerken. Dit is een natuurlijk moment om dat te bezien. We krijgen straks een nieuw kabinet. Ten opzichte daarvan moet de VNG met slagkracht kunnen opereren. Normaal gesproken zoekt een nieuwe minister van BZK snel contact met de VNG; het is goed als je je dan al hebt gepositioneerd.’
Daarnaast vormen de komende raadsverkiezingen een belangrijke aanleiding voor de evaluatie. Die zullen leiden tot wisselingen binnen het bestuur en de commissies. ‘Evalueer je pas na die verkiezingen, dan ben je echt te laat.’

De vereniging moet zich steeds afvragen of zij het goed doet en of de leden dat ook vinden

Deetman is volop aan het werk met zijn onderzoek. De gewenste organisatie van de VNG hangt mede af van de uitdagingen waar gemeenten zich voor gesteld zien. ‘Denk daarbij aan de mogelijkheid dat gemeenten meer van elkaar mogen verschillen, de uitdagingen door decentralisatie van taken en aan het vergroten van de eigen slagkracht van gemeenten. Als je die uitdagingen niet periodiek tegen het licht houdt, loop je kans dat je achter de feiten aan loopt.’
De VNG speelt een belangrijke rol als belangenbehartiger. Deetman neemt die eveneens onder de loep. De VNG is naar zijn oordeel niet één van de
vele brancheorganisaties, zoals wel wordt gedacht. ‘Zij is een vereniging van gemeenten, dus van overheden. De VNG behartigt niet alleen de belangen van die gemeenten, maar ook van burgers in hun totaliteit. De vereniging moet zich steeds afvragen of zij het goed doet en of de leden dat ook vinden.’
De VNG vervult een belangrijke netwerkfunctie. Het is noodzakelijk om die verder te ontwikkelen. ‘Dat vergt antwoord op de vraag of de vereniging nog wel in de goede netwerken zit, of zij wellicht partners wil loslaten of juist wil toevoegen.’ Deetman wijst op de rol van communicatietechnologie bij veranderingen in de maatschappij. ‘Ook die betrek ik bij mijn analyse van de netwerkfunctie en mijn voorstellen voor verbetering ervan.’

Draagvlak
Deetman doet zijn onderzoek niet vanachter zijn bureau. Het VNG-bestuur heeft hem gevraagd zich ervan te vergewissen dat er draagvlak is voor zijn voorstellen. ‘Dat doe ik in gesprekken met gemeenten, waarbij ik uiteraard het bestuur betrek.’
Hoewel Deetman al een eind op streek is, laat hij niets los over zijn voorstellen. Zijn evaluatierapport en de reactie van het VNG-bestuur worden uiterlijk
3 november naar de leden gestuurd, dat is vier weken voor de buitengewone algemene ledenvergadering van 1 december, waar het rapport wordt toegelicht.