Nummer 20, 15 december 2017

Auteur: Leo Mudde |  Beeld: © Thomas Meijerman

Cultuur als middel om de doelen in het sociaal domein te realiseren – het ligt voor de hand, maar nog lang niet iedere bestuurder heeft dat begrepen. ‘De plaatselijke harmonie krijgt niks als een van haar leden later in het Concertgebouworkest speelt.’


Toen Sanne Scholten nog in de gemeenteraad van Utrecht zat, hoorde ze in vergaderingen de cultuur regelmatig voorbijkomen. ‘Maar als het woord “cultuur” viel, ging het vaak alleen over de pot met geld voor de grote instellingen. Het ontbreekt gemeenten vaak aan een visie op de brede basis die nodig is om de top van de piramide levensvatbaar te houden. Clubs in het betaald voetbal kunnen ook niet zonder de amateurclubs.’
Scholten is sinds anderhalf jaar directeur van LKCA, het Landelijk Kenniscentrum Cultuureducatie en Amateurkunst, en wil via VNG Magazine bij gemeenten graag het belang van cultuur voor de participatie en het welzijn van hun inwoners nog eens bepleiten. ‘In Nederland doen 6,4 miljoen mensen aan cultuur. Niet altijd georganiseerd, wie ’s avonds op een zolderkamer gedichten schrijft, hoort daar ook bij. Dat geeft aan hoe groot de rol van cultuur voor de participatie is. Het is de kracht van het getal: als zó veel mensen aan cultuur doen, is het dus een belangrijk deel van hun leven.’
Het is een bron waaruit gemeenten veel meer kunnen putten dan ze nu al doen. ‘Anders dan sport, gebruiken ze cultuur als participatiemiddel nog te beperkt. Het gebeurt wel, via het Jeugdcultuurfonds of door de verbinding te leggen tussen cultuur en onderwijs, of door cultuur in te zetten binnen de zorg, maar het is geen structureel onderdeel van lokaal beleid.’

Breedtecultuur

De vergelijking met sport ligt voor de hand. Iedere wethouder, ieder raadslid kan wel bedenken dat sporten en bewegen belangrijk zijn voor de gezondheid en het welzijn. Sportverenigingen zijn ook belangrijke ontmoetingsplekken en dragen bij aan de gemeenschapszin. De cultuursector heeft niet zo’n pakkend verhaal.
Scholten: ‘De term breedtesport is onderdeel van het beleidsjargon geworden en kan rekenen op flinke belangstelling die je ook terugziet in de gemeentebegroting. Het woord breedtecultuur bestaat niet, we spreken over amateurkunst, eigenlijk een ongelukkige term. De sportsector heeft z’n marketing ook beter voor elkaar. Als je mensen vraagt of ze aan sport doen, dan weet iedereen waar je het over hebt. Maar vraag je of ze aan cultuur doen, dan zeggen ze vaak nee. Vraag je door, dan blijken ze in drie muziekbandjes te spelen, maar dat noemen ze geen cultuur.’
Ook wat betreft financiële organisatie ligt de cultuursector mijlenver achter op bijvoorbeeld het voetbal. Breekt een speler van een plaatselijke voetbalvereniging door in het profcircuit, dan profiteert de amateurclub waar hij ooit bij de pupillen zijn eerste balletje trapte. Een percentage van de transfersom gaat naar de clubs waar hij eerder speelde. ‘Maar de plaatselijke harmonie krijgt niks als een van haar leden later in het Concertgebouworkest speelt’, zegt Scholten.

Hiphop

Voorbeelden van gemeenten waar cultuur een wezenlijk onderdeel is van het sociaal domein, zijn er zeker. Bijvoorbeeld het project Old Skool in Eindhoven, dat een grote groep senioren kennis liet maken met jongerencultuur als hiphop, dans, muziek en graffiti waaraan ze ook actief meededen, onder leiding van jonge urban kunstenaars. Niet alleen werden ouderen hierdoor uitgedaagd actief bezig te zijn, er vond ook een kruisbestuiving plaats van kennis, ervaring en talent van verschillende generaties.
Velsen experimenteert met een innovatiebudget van 1,5 miljoen euro, wat onder meer wordt besteed aan het verbinden van kunst en cultuur met het sociaal domein. Zo worden ouderen in het kader van age friendly cities betrokken bij actieve kunstbeoefening. Scholten: ‘Als dat in Velsen kan, kan het elders ook.’
Het hoeft niet zo moeilijk te zijn, maar het vraagt wel om een flinke draai in het denken over cultuurbeleid. ‘Denk integraal, niet alleen vanuit de professional’, adviseert zij. ‘Het komt nu voor dat een activiteit door de wethouder welzijn als cultuur wordt gezien, en de wethouder cultuur noemt het een participatieproject. Het gevolg is dat geen van beiden daar zijn potje voor aanspreekt. Welzijn en cultuur zouden onder dezelfde wethouder moeten vallen.’

6,4 miljoen mensen doen aan cultuur

In de nieuwe Cultuurnota van de gemeente Emmen staat letterlijk: ‘Kunst en cultuur leveren een belangrijke bijdrage aan de leefbaarheid en sociale dynamiek in al onze dorpen en wijken’. In nota’s staan wel vaker mooie zinnen die achteraf losse flodders blijken. Hoe voorkom je dat het een dode letter wordt?

Jeugd

Alles begint bij de jeugd, zegt wethouder Robert Kleine (CDA) van Emmen. De meeste scholen hebben een interne cultuurcoördinator, die plannen maakt en aanbiedt. ‘Dat is het mooie van het basisonderwijs: hoe druk ze het daar ook hebben, er is altijd wel iemand te vinden die er een trekkende rol in wil vervullen.’
Cultuureducatie is structureel verankerd op de Emmense scholen, met een doorlopende lijn van primair naar voortgezet onderwijs. En met ingang van 2018 heeft elke basisschool in Emmen een voorschool voor kinderen van 2,5 tot 4 jaar. Naast de ‘gewone’ aandacht voor emotionele en motorische ontwikkeling, heeft Emmen daar de creatieve ontwikkeling aan toegevoegd. ‘Wij vinden het belangrijk om cultuur bij de jeugd te stimuleren. We hebben hier niet alleen een professioneel jeugdtheater, er zijn ook veel dansgroepjes en rappers die wij aanmoedigen. Recent nog traden hier twee meisjes van 10 en 12 jaar op, zij waren Nederlands kampioen urban streetdance. Dat wordt dan niet direct cultuur genoemd, maar dat is het natuurlijk wel.’

Oud-Drentse gedichten

Cultuureducatie en -participatie zijn twee belangrijke pijlers onder het gemeentelijk beleid, zegt Kleine. Met niet alleen jongeren, maar ook ouderen als belangrijke doelgroep.
De wethouder: ‘Emmen is redelijk vergrijsd, 28 procent van onze inwoners is 60-plusser. Wij willen uitstralen dat kunst en cultuur een belangrijke rol kunnen spelen om de ouderen te verbinden met de gemeenschap. Eenzaamheid, bijvoorbeeld, benaderen we vanuit een ander perspectief, onder meer door vanuit verschillende verzorgingshuizen mensen die niet mobiel zijn met bussen naar kunst en cultuur toe te brengen. Dan komt er een dichter in de bus die mooie, oud-Drentse gedichten voorleest. Dat roept herinneringen op, dan komen de verhalen los.’
Opmerkelijk is ook het project Movements, waarin sport, cultuur en leren en werken bij elkaar komen. Het doel is jongeren te helpen hun talent te ontwikkelen en daardoor weer actief mee te doen. Kleine: ‘Door bezig te zijn met een project leren ze hoe ze weer grip krijgen op hun leven – met gerichte coaching en begeleiding. Daarna kunnen ze aan de slag via een jongerenleerwerkbedrijf.’

Theater

Jaarlijks investeert Emmen de komende vier jaar 7,3 miljoen euro in cultuur. Een flink deel daarvan gaat naar grote partijen als de bibliotheek en het nieuwe Atlas Theater. Dat theater, geopend in oktober 2016, heeft volgens de gemeente een grote impact op de culturele sector. Als ‘voedingsbodem voor de culturele ontwikkeling van de inwoners’ verstrekt Emmen het theater subsidie voor een brede theaterprogrammering waaronder ook cultuur-educatieve programma’s vallen. 

Laaggeletterdheid

Kleine heeft nog een mooi voorbeeld van hoe kunst en cultuur mensen uit hun schulp kan lokken. ‘Bij de aanpak van een aandachtswijk in Klazienaveen hebben we bewoners uitgenodigd hun verhalen over de buurt en de geschiedenis ervan te vertellen. Die hebben we gebundeld in een boek, waar de hele wijk trots op is. Dat is mooi, maar mooier nog was het proces. Het boek was een eerste stap over een drempel. Door de verhalen kwamen thema’s als armoede en laaggeletterdheid aan de orde, die kwamen uit de taboesfeer en werden ineens bespreekbaar. Nu worden daar laagdrempelige toneelvoorstellingen gegeven waar mensen die laaggeletterd waren, wekelijks bijeenkomen om elkaar voor te lezen.’

LKCA-directeur Scholten wil de gemeenten nog wel een advies meegeven: ‘Bedenk je beleid niet in het gemeentehuis, maar ga het gesprek aan met je inwoners. Zij denken niet in schotten, ze willen graag met anderen delen waar ze mee bezig zijn. Dat had ik vroeger niet gedacht, het was voor mij een echte eyeopener. Kijk naar cultuur en sport vanuit je sociale agenda, hoe kun je ze daarvoor inzetten. Dat zou het uitgangspunt moeten zijn.’

Verhalen verbinden Doetinchem


Cultuur, zegt wethouder Maureen Sluiter (VVD) van Doetinchem, moet een breed draagvlak in de lokale samenleving hebben om tot bloei te kunnen komen. Daar zet haar gemeente dan ook stevig op in. ‘Cultuur brengt veel energie en blijdschap in je leven. Dat moet je wel in je jonge jaren hebben meegekregen.’

Evenals in Emmen begint ook in Doetinchem alles bij het onderwijs. Doetinchem is van oudsher een ‘onderwijsstad’, zegt Sluiter. ‘Dat zie je terug in onze projecten. Wij proberen cultuur, jeugd en onderwijs met elkaar te combineren. Het zijn vliegwielen die in elkaar haken en uiteindelijk tot mooie resultaten leiden.’

Een voorbeeld is het project Lang Leve Kunst: leerlingen van middelbare scholen gaan in gesprek met ouderen, die hun verhalen vertalen over hoe het vroeger ging. Voor de ouderen een kans om contact te houden met jongere generaties, voor de jeugd een kijkje in de geschiedenis van hun eigen leefwereld. Het zorgt voor wederzijds begrip en het vergroot en verrijkt de leefwereld van ouderen.

Een ander project dat ongeveer hetzelfde beoogt, is Generatiesporen in het dorp Gaanderen. Sluiter: ‘Een zeer hecht dorp, maar ook daar zag je een kloof tussen de generaties. We hadden in Gaanderen twee basisscholen die samen één nieuw gebouw kregen. Dat was de aanleiding voor het project, waarbij het draait om het zichtbaar maken van sporen van generaties in het dorp door de tijd, en hoe het dorp de persoonlijke geschiedenis van ouderen heeft gevormd. We hebben, samen met lokale verenigingen, ervaringen en verhalen van ouderen verzameld en gedeeld met jongeren. De verhalen verbinden het dorp en de generaties.’ Het past volgens Sluiter in het beeld van Doetinchem als Age Friendly Cultural City, een van de tien steden die zich zo mogen noemen.

Storytelling als informele vorm van cultuureducatie. Ook het reguliere onderwijs doet mee in Doetinchem, met kunst- en theatervormen in de klas. ‘We willen het verankeren als normaal onderdeel van het onderwijsprogramma’, zegt Sluiter. ‘Daar betrekken we ook buurtcoaches en sleutelpersonen uit de wijken bij. Zij kennen de mensen en weten wie ze moeten benaderen om mee te doen.’

De wethouder wil haar gemeente geen koploper noemen, ‘maar ik denk wel dat met onze positieve visie op cultuur de brede toegevoegde waarde ervan hebben ingezien’. 

Dit is het tweede deel van een tweeluik over het belang van sport en cultuur voor het sociaal domein. Het eerste deel stond in VNG Magazine 17 van 3 november 2017: Sport scoort in het sociaal domein van Noordwijk.