2. Uitgaven

 

2.1. Stijging uitgaven

Alle provincies samen geven ruim 328 miljoen euro uit aan cultuur. Dat is bijna 23 euro per inwoner. Dat is meer dan een verdubbeling ten opzichte van tien jaar terug. De stijging zit met name in de laatste zes jaar.

 

2.2. Hoogte budgetten per provincie
De provincie Zeeland besteedt verhoudingsgewijs het meest per inwoner aan cultuur: 51,89 euro van het totale budget van circa 19.5 miljoen euro. Op de tweede plaats (40,71 euro per inwoner) komt Fryslân (totaal 25.6 miljoen). Onderaan staat Zuid-Holland (15,87 euro per inwoner, budget bijna 37 miljoen). De provincie Noord-Brabant heeft het grootste budget beschikbaar: ruim 44 miljoen euro (per inwoner 18,29).

 

2.3. Meeste geld naar regionale omroepen
Het meeste geld gaat naar de eigen regionale omroep: in totaal 66,6 miljoen euro. Met de bijdrage van het Rijk wordt deze post in totaal bijna 115 miljoen euro. Vanaf 2006 gaat de rijksbijdrage in het provinciefonds.

 

 

3. Inhoudelijke keuzes

 

3.1. Cultuurmakelaars

'Kiezen in cultuurbeleid' beschrijft waar provincies het initiatief nemen, welke thema’s ze samen met Rijk en gemeenten oppakken (en hoe), en wat de instellingen kunnen verwachten. Het sluit aan op het veranderde provinciale cultuurbeleid en op de diverse langlopende afspraken met de andere overheden.
De provincies zien zich als ‘makelaar’ in het kunst- en cultuurbeleid tussen gemeenten, Rijk en de culturele sector. Daarvoor vragen ze ruimte binnen de nieuwe cultuurnotasystematiek en overige afspraken (convenanten) tussen overheden.

 

3.2. Flexibele inzet op basis van wettelijke taken en convenanten

Het IPO constateert dat waar Rijk en gemeenten hun budget vastzetten in de exploitatie van culturele instellingen, landelijke fondsen en lokale accommodaties, de provincies een grotere wendbaarheid en keuzevrijheid hebben in de inzet van budget en instrumenten. De basis van een provinciaal kunst- en cultuurbeleid wordt gevormd door de wettelijke taken en de samenwerking met Rijk en (grote) gemeenten binnen de afspraken en convenanten.

 

3.3. Stimuleren van gemeenten
Volgens 'Kiezen in cultuurbeleid' stimuleren de provincies ‘…gemeenten tot een goed kunst- en cultuurbeleid en tot samenwerking in de regio. Grotere steden zijn hierin partner, kleinere gemeenten eerder doelgroep van het beleid. De gezamenlijke gemeenten, de culturele infrastructuur en alle provincies hebben belang bij gemeenten die hun verantwoordelijkheid nemen in cultuurbeleid. Een goed cultuurbeleid van gemeenten maakt dat provincies zich kunnen specialiseren en zich kunnen ontwikkelen op de kracht van het middenbestuur in cultuurbeleid.’

 

3.4. Ruimte voor regionale culturele identiteit
De provincies willen ook ruimte om de regionale culturele identiteit met zowel traditionele waarden als nieuwe invloeden te laten doorklinken op de (inter)nationale en Europese agenda. Verder willen ze met Rijk en gemeenten kunst en cultuur koppelen aan andere beleidsthema’s (ruimte, creatieve economie, culturele bedrijvigheid, sociaal beleid).