Nummer 11, 30 juni 2017

Auteur: Marten Muskee, Beeld: Jiri Büller

Laarbeek heeft als eerste gemeente een Dragons’ Den georganiseerd, waarbij een externe jury 150.000 euro mocht verdelen aan ideeën die de lokale gemeenschap verduurzamen. Volgens wethouder Joan Briels (de Werkgroep) past dit naadloos in de ontwikkeling dat inwoners zelf het initiatief nemen. Kruisbestuiving tussen duurzaamheid en overheidsparticipatie waarbij een vleugje bestuurlijke recalcitrantie de democratische vernieuwing goed van pas komt.

Het fenomeen Dragons’ Den is ontstaan in Japan en in Nederland vooral bekend van het gelijknamige televisieprogramma. Het idee is dat mensen plannen mogen voorleggen aan een jury, de dragons. Die bepalen wat de beste ideeën zijn en daarin wordt vervolgens geïnvesteerd. In Laarbeek zijn vorige week de beste tien duurzame ideeën gepitcht. De dragons verdeelden 81.990 euro over acht ideeën. De hoogste jurybijdrage, 25.000 euro, was voor Snoeperij Jantje voor het idee voor een was- en strijkservice door kwetsbare jongeren. Daarnaast ontvingen zij de publieksprijs van 2500 euro. Briels noemt het een ongelofelijk succes dat laat zien dat duurzaamheid helemaal geen ver-van-mijn-bedshow is.

Hoe vult Laarbeek de Dragons’ Den in?
‘In 2016 heeft Laarbeek het Programmaplan Duurzaamheid vastgesteld. Wij geloven heel sterk in het samen met de inwoners vormgeven aan de verduurzaming van Laarbeek. Dat doen we niet door beleid vanuit het gemeentehuis over de inwoners uit te spreiden, maar door ideeën uit de gemeenschap op te halen. En dus bedachten we de Dragons’ Den. We hebben inwoners opgeroepen met ideeën te komen om Laarbeek verder te verduurzamen. Dat leidde tot meer dan vijftig aanmeldingen. Samen met een klankbordgroep is bekeken welke ideeën rijp zijn om te presenteren voor een externe jury. Dat zijn de zogenoemde dragons, mensen die hun sporen hebben verdiend met bijvoorbeeld duurzaamheid of ondernemerschap. De tien geselecteerde ideeën moeten een breed maatschappelijk rendement opleveren. We kijken naar duurzaamheid vanuit een brede scope, het gaat niet alleen om het terugdringen van de CO2-uitstoot. Wij kijken naar people, planet en profit, dus naar welzijn, natuur en milieu en lokaal ondernemerschap.’

Waar selecteert u verder op?
‘De tien ideeën zijn onder meer geselecteerd op het feit of er een trekker is die het plan wil oppakken en uitwerken. Ook kijken we of een idee ééndimensionaal scoort of dat het meer in zich heeft en of het plan al enigszins is uitgewerkt. We kijken ook naar wat men vraagt, de een heeft geld nodig in de vorm van een lening, de ander een netwerk, goede marktanalyse of businessplan. Maatschappelijke initiatieven laten zich natuurlijk niet meteen terugverdienen in euro’s, zij krijgen het geld daarom niet als lening maar als een soort subsidie.’

Het zou mooi zijn als hier een groot project ontstaat als Airbnb of Uber

Wie doen er allemaal mee?
‘De helft van de inzendingen komt van particulieren, de andere helft van bedrijven, stichtingen, verenigingen en ook de GGD doet mee. Ideeën kunnen ook van elders komen, als het rendement maar in Laarbeek landt. Deze actie maakt veel dynamiek los, dat overtreft echt onze verwachtingen. De Dragons’ Den maakt de inwoners bewust van het feit dat we het binnen onze samenleving met elkaar anders moeten gaan doen. Het zou mooi zijn als hier een prachtig groot project ontstaat als Airbnb of Uber, maar wij willen vooral een beweging in gang zetten: duurzaamheid is iets van ons allemaal. Ook de ideeën die het niet halen, houden we vast als ze de moeite waard zijn en misschien investeren we daar vanuit een ander potje wel in.’

Welke ideeën zijn er zoal ingediend?
‘Bij een van de pitches gaat het om een was- en strijkservice door kwetsbare jongeren. Een vorm van dagbesteding voor een groep die nu tussen wal en schip raakt, en tegelijk een service voor andere doelgroepen zoals ouderen die in het kader van de Wmo langer zelfstandig thuis moeten kunnen wonen. Een andere pitch komt vanuit een varkenshouderij. Er wordt nog te veel van een varken weggegooid en dit bedrijf wil paté gaan maken van delen van het varken die niet worden gebruikt. Het product maakt mensen zich ervan bewust dat er meer aan een varken zit dan alleen het varkenshaasje. Ook hier dus weer dubbele winst, minder verspilling en meer bewustzijn. Bij andere ideeën draait het om het verduurzamen van bedrijven of om groene daken. Er is niet één het beste, het totale pakket maakt het mooi.’

Eigenlijk is dit dus een soort brede lokale investeringsagenda duurzaamheid.
‘Dat klopt. Laarbeek heeft een miljoen euro vrijgemaakt in een fonds en 50.000 euro structureel, dat is veel voor een gemeente met 22.000 inwoners. Het is aanjaaggeld en het is goed dat we dit hebben, maar eigenlijk zouden we dat bedrag misschien wel moeten halveren. Ik weet dat dit vreemd klinkt uit de mond van een portefeuillehouder duurzaamheid, maar we laten nu als gemeente zien dat duurzaamheid geld kost en dat idee is achterhaald. Het gaat om investeringen in de toekomst die zich terugverdienen en ja, dat kost wat aan voorinvesteringen. Overigens is het fonds zo veel mogelijk revolverend, maar we snappen dat niet al het geld terugkomt.’

Hoe pakt de ambtelijke organisatie dit op?
‘Laarbeek zet stevig in op duurzaamheid. Daarbij is het belangrijk welke ambtenaren hiermee aan de slag gaan want het onderwerp vraagt om volledige inzet. Niet qua aantal uren, maar wel in de manier van werken. Bevlogenheid is ook een competentie, zeker als het om duurzaamheid gaat. De ambtenaren moeten in staat zijn verbindingen te leggen, vooral naar buiten toe. We hebben intern de vraag uitgezet naar goede ideeën en daar mochten alle ambtenaren van alle afdelingen aan meedoen. Op basis daarvan zijn twee projectleiders benoemd. Dus ook intern is het een bijzonder project met een niet alledaagse aanpak. Duurzaamheid zit vaak bij een afdeling milieu of wordt vanuit de energiekant opgepakt. In Laarbeek vliegen we het anders aan, wie kan de ideeën uitvoeren en wie heeft hart voor de zaak? Prettige bijkomstigheid is dat de gemeente een ander gezicht krijgt. Inwoners zijn enthousiast en ziet dat de ambtenaren in de meedenkmodus staan.’

Ook intern is het een bijzonder project met een niet alledaagse aanpak

Waar liep u bij deze werkwijze tegenaan?
‘We zijn in dit project echt vertrokken vanuit de bedoeling en niet vanuit bestaande wetten en regels. Dat doen we in bestuurlijk Nederland te weinig. Ik pleit ervoor om als bestuurder eens wat vaker ongehoorzaam te zijn want dat brengt ons verder. Als we ons slechts laten leiden door wetten, regels en verordeningen, dan zetten we niet de stappen die nodig zijn om deze samenleving te veranderen. Ook dit project was er niet gekomen als wij ons strikt aan onze eigen regels hadden gehouden. De raad had al ingestemd met het idee van de Dragons’ Den toen er toch wel een kritisch geluid vanuit onze juristen kwam. Die vroegen zich bijvoorbeeld af hoe deze manier van omgaan met publiek geld zich verhoudt tot ons treasury-statuut en onze financiële verordening. De raad moest daarvoor eerst nog vaststellen dat duurzaamheid een publieke taak is, en daarnaast moest de financiële verordening worden aangepast. Ik ben de raad zeer erkentelijk dat zij het vertrouwen uitspreekt in dit project en deze wethouder. Het vraagt nogal wat lef om op voorhand akkoord te gaan met het verstrekken van 150.000 euro aan iets of iemand die je nog niet kent.’

Dat is een goede vingeroefening, want de raad moet toch meer gaan loslaten.
‘We gebruiken duurzaamheid als een van de thema’s om de democratische vernieuwing vorm te geven. Het rendement van de Dragons’ Den is meer dan de optelsom van die tien projectjes. De winst zit hem in onze manier van werken, hoe wij ons verhouden tot de samenleving. Wij willen maatschappelijk rendement boeken en dat gaat verder dan het werken vanuit een beperkte scope. Deze processen laten zich niet in een rechte lijn leiden en daarom willen wij het niet aan de voorkant volledig controleren. We laten ons leiden door wat op ons pad komt. Het proces is minstens zo belangrijk! Daar zit veel winst, de beweging op gang brengen. In de kern komt het erop neer dat dit onze methode is om eigenaarschap concreet vorm te geven.’

Hierdoor krijgt de gemeente een ander gezicht

Wat vraagt deze manier van werken van het lokaal bestuur?
‘Dat vraagt om lef en creativiteit van college en raad. Wij moeten de ambtenaren in de goede modus zien te krijgen en omgekeerd zij ons ook. Het gaat om goed samenspel tussen deze drie en externen. Het zit hem in de manier hoe je er bestuurlijk op inzet. Er moet ergens ook een beetje anarchie en recalcitrantie inzitten. Dat heb je nodig om stappen te zetten. Net als ambtenaren die goede contacten buiten het stadhuis hebben en daarmee samenwerken. De kracht zit de samenleving zelf, wij moeten die zien op te halen. Onze gemeente leent zich daar qua schaal en sociale cohesie goed voor. Wij zijn de groenste gemeente van Nederland geworden, ook omdat we hoog scoorden op burgerparticipatie. Inwoners zetten zich hier vrijwillig in voor het landschap. Dus durf als gemeente vooral te ondernemen. Krijg duidelijk wat je met elkaar wilt bereiken en maak dat mogelijk. Wees soms een beetje recalcitrant en ga vooral uit van de bedoeling. Laat je niet beperken door allerlei regels en verordeningen.’

Zo krijg je de burger mee?
‘We hebben de mond vol van burgerparticipatie, iedereen vindt het mooi zolang het past binnen de kaders van de beleidsmakers. En daar gaat het mis. De Dragons’ Den is een logische uitkomst van onze manier van werken. Al in 2008 hebben we ons gezondheidsbeleid in deze vorm gegoten. Met regelmaat verschijnt er een landelijke preventienota van de minister over bijvoorbeeld de aanpak van overgewicht bij kinderen. Wij hebben die in de la gelegd, maar wél aan onze inwoners gevraagd wat zij als prioriteit zien. Opvallend is dat de beleidsdoelen uit de nota en de problemen en prioriteiten die inwoners schetsten nauwelijks verschilden. Wezenlijk verschil is wel dat je inwoners zo écht meekrijgt in de uitvoering. Betrek inwoners dus aan het begin van de beleidscyclus. Vraag ze niet alleen om mee te helpen in de uitvoering, maar juist ook om samen de doelen te stellen. Dat werkt echt.’