De Participatiewet in Balans vraagt professionals met een frisse blik opnieuw te kijken naar de balans tussen rechten, plichten en waarden. De wijzigingen in de wet leggen de nadruk op werken vanuit vertrouwen en de eigen verantwoordelijkheid van inwoners. Dat vraagt van sommige gemeenten om een cultuuromslag. De VNG organiseerde regiodagen zodat mensen uit beleid en uitvoering hierover met elkaar in gesprek konden.
De gemeente Noordoostpolder is al begonnen met de cultuurverandering die de Participatiewet in Balans met zich meebrengt. De gemeente wilde een realistischer mensbeeld in de gemeente. Dat vroeg om meer samenwerking tussen uitvoering, beleid en kwaliteit. Die driehoek staat inmiddels heel stevig.
De gemeente Noordoostpolder werkt aan 13 van de 23 wijzigingen van de Participatie in Balans spoor 1. In hun sessie op de regiodag in Zwolle had geen andere gemeente zoveel punten op de radar staan. Kwaliteitsmedewerker Alwin Hagenouw en teamleider participatie Bert Scholing hielden een presentatie in de hoop de mensen in de zaal te inspireren met hun ervaringen.
De wet (niet) kennen
Het verandertraject startte met de overtuiging dat de gemeente anders wilde omgaan met haar inwoners met een uitkering. De gemeente Noordoostpolder heeft iets minder dan duizend cliënten in de bijstand. Hagenouw zei: 'Als organisatie zoeken we altijd naar wie we willen zijn voor onze inwoners en of dat ook beter kan. We moeten meebewegen met de tijd en uitgaan van redelijkheid en billijkheid.' Als voorbeeld noemde hij het rechtsbeginsel ‘iedereen wordt geacht de wet te kennen’. Hij zei: 'Dat vinden wij een onrealistische verwachting. Niemand kent alle wetten daadwerkelijk, daar is onze wet- en regelgeving te complex voor. Wij gaan ervanuit dat een vergissing zo gemaakt is en dan helpen we met het herstellen van de situatie.' Scholing vulde aan: 'We erkennen de noodzaak van mensen vooruithelpen. Dat doen we ook met een bredere aanpak door samenwerking op de gebieden Wmo en Jeugdwet.'
Als organisatie zoeken we altijd naar wie we willen zijn voor onze inwoners en of dat ook beter kan. We moeten meebewegen met de tijd en uitgaan van redelijkheid en billijkheid
De driehoek
De relatie tussen beleid, kwaliteit en teamleiding vormt nu de basis van hoe de gemeente Noordoostpolder werkt. Toen Scholing begon bij deze gemeente werkten beleid en uitvoering veel meer op afstand van elkaar. Hij begon zijn beleidscollega uit te nodigen bij uitvoeringsoverleggen en klantgesprekken. Hij zegt: 'Dat was even wennen voor, maar het wierp z’n vruchten af.' De driehoek is inmiddels stevig verankerd in de gemeente.
Maatwerkbudget
Een van de 23 wijzigingen in de Participatiewet betreft het bufferbudget. De gemeente Noordoostpolder hanteert al meerdere jaren een variant daarop, het maatwerkbudget. Scholing zei daarover: 'Als gemeente dienen we meer dan alleen de Participatiewet. Stel dat een woonontruiming dreigt; wij hebben ook belang bij een inwoner met een dak boven het hoofd. Als het uitkeren van één bedrag leidt tot schadelastbeperking op de lange termijn, dan kiezen we daarvoor.'
Dat proces loopt als volgt: de uitvoerende medewerker heeft een overleg met een daarvoor aangewezen kwaliteitsmedewerker. Zij nemen samen een besluit. Door de korte lijnen is het snel schakelen.
Gedragswijziging
Wat te doen met collega’s die niet mee willen of kunnen met deze manier van werken, vroeg iemand uit het publiek. Niet iedereen werkt op dezelfde manier, beaamde Scholing. “Het is net als thuis. Neem jij altijd de spullen mee naar boven die op de trap liggen? En hoe is dat voor jouw huisgenoten? Eén keer benoemen is zelden voldoende, daarom dragen wij elke dag het gedachtengoed uit en voor wie wij het werk doen. Licht goede voorbeelden uit en blijf complimenten geven aan mensen.” Aanvullend heeft de gemeente procesbegeleiders en klantmanagers aangesteld die moeilijke cases oppakken om vastlopen te voorkomen.
Toekomst
Als er iets is dat de gemeente Noordoostpolder anders zou doen is het ‘eerder beginnen’. Scholing: 'We willen het liefst alles van tevoren goed uitdenken, maar de valkuil is om daar te lang in te blijven hangen. Wij werken liever waar mogelijk vanuit het idee van leren in de praktijk, learning on the job. Wij houden de vinger aan de pols waardoor we op tijd, waar nodig, kunnen bijstellen. Vanuit de driekhoek voorzien wij bestuurders snel van informatie die zij nodig hebben om richting te bepalen. Daarom ben ik nog steeds blij met hoe die driehoek bij ons functioneert. Die manier van werken nemen we ook mee in ons personeelsbeleid, we willen mensen aannemen waarmee we dit gedachtengoed behouden in de toekomst.'