Na het afronden van de besluitvorming over de samenvoeging van Breukelen, Loenen en Maarssen, bleven er slechts acht maanden over om de nieuwe gemeente Stichtse Vecht vorm te geven. Hiermee werd een record gevestigd. Dat vertelde de burgemeester van de nieuwe gemeente, Mirjam van ’t Veld, tijdens het bezoek van directieraadlid Kees Jan de Vet aan Stichtse Vecht op dinsdag 5 april.

'Een mooie maar zware opgave', aldus burgemeester Mirjam van 't Veld. 'Maar we zijn nog zeker niet klaar. De huisvesting is nog niet op orde en er ligt nog een grote personele klus: de afronding van de (her)plaatsingen, de invulling van alle functies en er zijn nog zeker 400 harmonisatievoorstellen weg te werken!'.

Gebiedswethouders
In de nieuwe gemeente - 'met monumenten en buitenplaatsen de mooiste gemeente van Nederland' - neemt iedere wethouder het op zich, om naast zijn of haar inhoudelijke portefeuilles, als 'gebiedswethouder' direct aanspreekbaar te zijn voor de bewoners van een aantal kernen of gebieden.

Om de binding met de nieuwe gemeente goed vorm te geven, is bij de verdeling als uitgangspunt gehanteerd dat het niet de 'oude' gemeente betreft, noch het deel van de gemeente waar men woont.

De directe benaderbaarheid van het college blijkt zeer te worden gewaardeerd.

BRU, provincie of Wgr-plus?
Door de herindeling valt de nieuwe gemeente op onderdelen voor ongeveer de helft onder de regio en de helft onder het regime van de provincie. Maarssen was voor 100% deelnemer aan de BRU (Bestuur Regio Utrecht).

Dit leidt tot vreemde situaties, bijvoorbeeld bij het aanbesteden van het openbaar vervoer en de aanspraak op subsidieregelingen. Bovendien loopt de landelijke Wgr-plus-discussie ook nog eens dwars door het keuzeproces 'Hoe verder?'.

Kees Jan de Vet verwacht dat de ‘brief van Donner’ over de toekomst van de Wgr-plus er niet voor juni zal zijn. Het college van Stichtse Vecht kan daar niet op wachten: 'Er zal een besluit genomen moeten worden'.

Decentralisatie en financiën
Ook Stichtse Vecht kan in het licht van de onderhandelingen over een bestuursakkoord niet om het thema decentralisatie en financiën heen. Gemeenten hebben goede ervaringen met de decentralisatie van de Wwb en minder goede met de Wmo. Deze laatste decentralisatie werd te veel 'dichtgeregeld' en 'een ambtenaar op het ministerie bedacht wie-met-wie'.

De VNG zet in op een termijn van één jaar waarin gemeenten zélf de samenwerking kunnen aangaan. Uitgangspunt is daarbij gelijkwaardigheid en geen voorkeurspositie voor de centrumgemeente. Pas na het verstrijken van de termijn van één jaar, kan het ministerie 'aanwijzen'.

De vertegenwoordigers van de gemeente besluiten dit onderwerp met een hartenkreet vanuit het lokaal bestuur: ‘Rijk laat los! Verhef niet ieder incident - 'één gehandicapte die uit zijn rolstoel valt' - tot aanvullende regelgeving. Geef gemeenten het vertrouwen!’

De gemeente aansprakelijk?
Tot slot is er nog aandacht voor een rechtszaak waarin de gemeente is verwikkeld. In een strafrechtproces is de gemeente op het terrein van wegbeheer 'Dood door schuld' ten laste gelegd. Het college van B&W wijst erop dat de uitspraak in dit proces wel eens vergaande gevolgen kan hebben, niet alleen voor de Stichtse Vecht, maar voor de aansprakelijkheid van alle gemeenten.

Afgesproken wordt dat op dit concrete onderwerp contact wordt gelegd met het Expertisecentum Gemeenterecht van de VNG.

VNG-commissies
Met de mededeling dat de gemeente zich heeft aangemeld voor deelname in twee VNG-commissies, komt er een eind aan een plezierig bezoek aan Stichtse Vecht.