VNG Magazine nummer 9, 24 mei 2019

Onze open brief van woensdag 8 mei in het AD en de regionale kranten heeft veel teweeggebracht. Sommigen waren verbaasd over onze stelligheid. Anderen waren blij dat de VNG zich eindelijk scherp uitsprak. En weer anderen vroegen zich af waarom de VNG zich richt tot inwoners van gemeenten in plaats van tot het kabinet. Tja, gemeenten zijn nu eenmaal niet van zichzelf maar van hun inwoners. Net zoals hun vereniging er niet voor zichzelf is maar voor de leden.

Vier jaar geleden hebben gemeenten er alles aan gedaan om ervoor te zorgen dat hun inwoners niet tussen het oude en het nieuwe stelsel vermalen zouden worden. Ondanks talloze onzekerheden en ontbrekende
sturingsinformatie zijn gemeenten daarin geslaagd.

Dat kan alleen met professionaliteit, aandacht, toewijding én geld. Vijf jaar geleden moest Nederland nog uit de crisis komen. Bovenop de decentralisaties aanvaardden gemeenten een oplopende efficiencykorting. Gemeenten zouden beter maatwerk kunnen leveren en daarmee uiteindelijk efficiënter en dus goedkoper kunnen werken, zo was de overtuiging. Bovendien waren gemeenten bereid mede verantwoordelijkheid te dragen voor de overheidsfinanciën. Dat is gelukt. Inmiddels kan het kabinet het begrote geld niet uitgeven en wordt het begrotingstekort fors teruggebracht.

Gemeenten staan nu voor andere urgente vragen

Maar dan verwacht je toch dat gemeenten terugkrijgen wat ze vijf jaar geleden gaven: gedeelde verantwoordelijkheid; een mede verantwoordelijkheid van het Rijk voor de tekorten bij gemeenten. En als dan blijkt dat het Rijk die verantwoordelijkheid onvoldoende wil delen, dan moet je het speelveld verleggen. Dan moet je laten zien dat gemeentebestuurders opkomen voor de belangen van hun inwoners. Als de bestuurlijke overleggen en het zoeken naar compromissen niet meer werken, richt je je tot je inwoners. Dan leg je aan hen verantwoording af en geef je via hen het kabinet een signaal dat het anders moet en beter kan.

Terwijl ik dit schrijf, loopt het overleg tussen ons en het kabinet nog door. Ondertussen moeten colleges keuzes maken voor het komend jaar. Natúúrlijk moeten die administratieve lasten omlaag en natúúrlijk kan de echte transformatie óók een lager tekort opleveren. Maar gemeenten staan nu voor andere urgente vragen. Want hoe kies je tussen bijvoorbeeld het voortbestaan van de bibliotheek, een verhoging van de ozb of de ambitie in de energietransitie? Elke keuze doet pijn. En tegelijkertijd is één keuze waar we niet over twijfelen: een kind dat zorg nodig heeft moet die zorg kunnen krijgen.

Jantine Kriens is Algemeen directeur van de VNG: jantine.kriens@vng.nl, @kriens