VNG Magazine nummer 2, 8 februari 2019 

Auteur: Joop van den Berg, staatsrechtdeskundige en oud-hoofddirecteur van de VNG 

Rondom de totstandkoming van de meerjarenvisie gemeenten 2020-2024 publiceert de VNG de komende tijd een aantal essays. Oud-hoofddirecteur van de VNG en -politicus Joop van den Berg betoogt dat er op zijn minst behoefte is aan nieuwe denkbeelden over de bestuurlijke inrichting. Taakdifferentiatie is volgens hem een alternatief voor herindelingen en gemeenschappelijke regelingen.  

De laatste decentralisaties hebben democratisch besturen in Nederland er niet gemakkelijker op gemaakt. Het probleem is dat bezuiniging op de rijksbegroting vooropstond. Wat is gedecentraliseerd, zijn vooral de risico’s en de complicaties van de uitvoering en die zijn voor veel kleine gemeenten te groot. Dat heeft een beweging op gang gebracht waarbij gemeenten de handdoek in de ring gooien en opteren voor herindeling dan wel kiezen voor (of gedwongen worden tot) verregaande regionale samenwerking. Hiermee worden de voordelen van de decentralisatie (maatwerk, samenhang en nabijheid) weer tenietgedaan en pakken soms zelfs voor de bevolking slechter uit dan centraal genomen beslissingen.

Met elkaar hebben we een complexe constellatie doen ontstaan

Zo’n regionale samenwerking mag dan ‘verlengd lokaal bestuur’ worden genoemd, in de praktijk ontaardt het gemakkelijk in ‘van het lokale niveau losgezongen bestuur’. Raden verliezen hun belangstelling en de publieke verantwoording gaat teloor. Slecht voor de democratie derhalve. Gemeentelijke herindeling is daarvoor geen alternatief, omdat die nooit groot genoeg kan zijn. Herindeling op doelmatigheidsgronden is sowieso van het twijfelachtige soort. 
Met elkaar hebben we een complexe constellatie doen ontstaan. Er is, ook al hebben wij nog zo’n hekel aan ‘structuuroplossingen’ en ‘blauwdrukken’, op z’n minst behoefte aan nieuwe denkbeelden over onze bestuurlijke architectuur. Op de resultaten daarvan kunnen wij echter niet wachten. Dus is het beter pragmatisch te zoeken naar effectieve incrementele vernieuwingen. 

Delegatie 
Als het gaat om misschien wel ingewikkelde maar tegelijk specialistische en beleidsarme vraagstukken, dan zit de oplossing nog het meest in delegatie aan ambtelijke uitvoerende diensten en beperking van de politieke bemoeienis tot bestuurlijk toezicht. Dat kan het best op de voor de taak optimale regionale schaal. In de sfeer van het milieubeheer gebeurt dat al.  
Waar reëel beleid in het geding is, moeten effectieve openbare controle en kaderstelling zijn gewaarborgd en daar moet de gemeenteraad leiding kunnen geven. 
Daarvoor zie ik twee wegen. De eerste is dat de raad, met behulp van delegaties van zijn leden, volwaardig gaat meespelen in de gemeenschappelijke regeling. Het alternatief – dat mijn voorkeur heeft – is gelegen in meer systematische taakdifferentiatie tussen gemeenten. Ingewikkelde uitvoerende taken op sociaal en fysiek terrein zouden feitelijk onder het gezag dienen te komen van grote, centrale gemeenten. Die zouden deze mede dienen uit te oefenen ten behoeve van omliggende kleinere gemeenten, waarmee overeenkomsten worden gesloten. Financiering kan eenvoudig plaatsvinden door herverdeling van het Gemeentefonds.  

Participatiewet 
Een voorbeeld zou de uitvoering van de Participatiewet kunnen zijn. Toen het nog ging om een bijstandswet die voornamelijk uitkeerde, was er geen enkele reden om de toepassing van de wet aan kleine gemeenten te onttrekken. In zijn huidige vorm, waarin bijstand wordt verbonden aan begeleiding naar de arbeidsmarkt of naar alternatieve vormen van (vrijwilligers)arbeid, ligt uitvoering door kleine gemeenten minder voor de hand. Verwijzing naar een nabije grote gemeente, die de noodzakelijke verbindingen met instellingen en het bedrijfsleven wel kan leggen, kan dan de aangewezen weg zijn. Al geruime tijd geleden gingen bijstandsgerechtigden uit dorpsgemeenten vaak naar de meest nabije stad, omdat zij daar meer kans op werk hadden. 
In de gemeenten waar de uitvoering plaatsvindt, kan de politieke verantwoording aan de raad naar behoren worden georganiseerd en kan verder al het goede van decentralisatie – differentiatie, samenhang en nabijheid – tot z’n recht worden gebracht. Kleinere gemeenten zijn verlost van taken die zij niet of moeilijk aankunnen en die hen uiteindelijk drijven naar de herindeling die zij niet willen. Aldus staat het ownership vast, maar ook de democratie. De schijn van medezeggenschap in een gemeenschappelijke regeling is opgeheven.  

Beperkingen 
Ook taakdifferentiatie kent natuurlijk haar beperkingen: je kunt niet alles bij de ene gemeente weghalen om het aan een grotere toe te vertrouwen. Gemeenten kunnen immers niet volstaan met louter frontoffice van iets anders te wezen.
Als bewoners dan niet tevreden zouden zijn met wat hun gemeente voor hen kan betekenen, zijn zij het en niet mysterieuze krachten van bovenaf die bepalen dat de gemeentegrenzen moeten worden gewijzigd. 

Dit is een verkorte versie van het essay dat Joop van den Berg schreef rondom de totstandkoming van de meerjarenvisie gemeenten 2020-2024. Het volledige essay is te lezen op vng.nl/meerjarenvisie

Schrijf ook een betoog voor VNG Magazine redactie@vngmagazine.nl